Innovatie in zorg en welzijn. Wat is de betekenis van innovatie in de gezondheidszorg? Waarom is zorginnovatie nodig? Wat zijn voorbeelden en successen? Wat zijn uitdagingen en risico’s?

Innovatie gezondheidszorg

Na het lezen van dit artikel weet je wat innovatie in de zorg is en waarom het nodig is. Daarnaast lees je over trends en ontwikkelingen. Wat voor toepassingen zijn er mogelijk, wat zijn de uitdagingen en kansen?

Hieronder volgt alvast een opsomming met de belangrijkste punten.

1. Een aantal ontwikkelingen zoals het tekort aan personeel, de stijgende levensverwachting en toenemende mogelijkheden van technologie maakt dat zorginnovatie een strategisch speerpunt is van bijna alle zorginstellingen.

2. Algemene technologische ontwikkelingen die zorginnovatie momenteel drijven zijn digitalisering, big data en kunstmatige intelligentie.

3. Ontwikkelingen die vallen onder biohacking hebben een enorme impact op de toekomst van de zorg. Hieronder vallen geïndividualiseerde zorg (op basis van data zoals DNA), biotechnologie en doe-het-zelf genetische modificatie.

4. Zorginnovatie en daarmee de groeiende invloed van technologiebedrijven in de gezondheidszorg brengen ook een aantal uitdagingen en risico’s en uitdagingen met zich mee. Dit betreft onder meer de eigendom van data, informatieveiligheid en ethische dilemma’s (bijvoorbeeld over toegankelijkheid van zorg).

5. Innovatie raakt iedereen, zowel in de zorg (patiënten, cliënten, verwanten, verplegers, artsen en specialisten) als partijen die betrokken zijn. Deze tweede groep omvat leveranciers, zorgverzekeraars en de overheid.

In de rest van dit artikel komen deze punten terug, met een onderbouwing en andere inzichten.


Spreker innovatie gezondheidszorg

In 2019 gaf ik een lezing bij het MediReva Symposium in het Beatrixtheater in Utrecht over innovatie in de gezondheidszorg.

Bekijk de video hieronder:


Toekomst gezondheidszorg

Welke series, films en fictie-boeken raken belangrijke punten als het gaat om de toekomst van de zorg? Hierover maakte ik een korte video. Onderin lees je meer over de films, series en boeken die ik behandel in de video, samen met nog een paar andere lees- en kijktips.

Bekijk de video hieronder:

VIDEO VOLGT

Video Scifi Visie over innovatie in de zorg


Lezing zorginnovatie

Ik heb dit verhaal geschreven aan de hand van inzichten van een aantal auteurs en de lezingen die ik zelf geef over dit thema, onder meer bij:

  • Erasmus Medisch Centrum (2020);
  • Hilverzorg (2020);
  • Martiniziekenhuis (2019);
  • Bravis Ziekenhuis (2019);
  • LUMC Leiden (2019);
  • UMC Utrecht (2019);
  • Vilans (2019);
  • MediReva (2019);
  • ‘s Heerenloo (2018);
  • CM Midden-Vlaanderen in Gent (2018);
  • HCDO (2018);
  • Health Business Week van de Erasmus Universiteit (2018);
  • OIZ (2017);
  • Maxima Medisch Centrum (2016)
  • Philadelphia (2015).

Naast mijn eigen visie en ervaring maak ik in dit artikel veel gebruik van de ideeën van Eric Topol, Clayton Christensen, Luciën Engelen en Kris Verburgh.

  • Eric Topol is een Amerikaanse arts en auteur van diverse boeken over zorginnovatie, waaronder The patient will see you now [link onderin].
  • Clayton Christensen is een Amerikaanse onderzoeker. Hij schreef het boek The Innovators Prescription [link onderin].
  • Luciën Engelen was verbonden aan de REshape Centre for Health(care) Innovation in Nijmegen. Tegenwoordig is hij werkzaam bij Deloitte. In 2018 kwam zijn boek Augmented Health(care) uit [link onderin].
  • Kris Verburgh is arts en auteur van een aantal boeken, waaronder de Voedselzandloper [link onderin].

Onderin dit artikel staat een deel met reviews van deze (en andere) boeken over zorginnovatie en de toekomst van de gezondheidszorg.

Technologie gezondheidszorg

Voordat je verder leest, zijn er nog twee belangrijke aandachtspunten.

  • 1 Verstrekkende gevolgen
  • 2 Brede toepasbaarheid

Ten eerste wordt zorginnovatie altijd in verband gebracht met technologie, robots, apps, maar dit is een beperkte blik op wat er allemaal gaande is. Innovatie in de gezondheidszorg wordt wellicht vaak aangedreven door technologische vooruitgang, maar het heeft ook gevolgen voor de organisatie van de zorg, huisvesting, verdienmodellen en het contact met de patiënt.

Het tweede aandachtspunt gaat over de toepasbaarheid van wat je straks zult lezen. Ik geef misschien veel voorbeelden over de zorg in ziekenhuizen, maar in de afgelopen jaren heb ik ook lezingen en presentaties gegeven voor instellingen in de langdurige zorg (verpleeghuizen, verzorgingshuizen en thuiszorg), GGZ-instellingen, GGD-instellingen, overheden, beroepsgroepen zoals fysiotherapeuten en studenten.

In dit stuk schrijf ik meestal ‘patiënten’ maar dit is ook vaak toepasbaar op ‘cliënten’ en andere gebruikers van zorg.

Opbouw artikel

Dit artikel is als volgt opgebouwd.

  • Deel 1: wat is innovatie in de zorg en de betekenis van zorginnovatie?
  • Deel 2: waarom is zorginnovatie nodig, bijvoorbeeld in Nederland?
  • Deel 3: wat zijn relevante trends en ontwikkelingen?
  • Deel 4: wat zijn voorbeelden van innovatie in de zorg?
  • Deel 5: hoe verandert de communicatie in de zorg?
  • Deel 6: wat zijn uitdagingen en risico’s?
  • Deel 7: hoe veranderen de rollen, zoals die van artsen?
  • Deel 8: wat is de toekomst van zorg, zoals biohacking (mijn expertise), preventie, maatwerk en genetica?
  • Deel 9: wat zijn tips en aanbevelingen?
  • Deel 10: wat zijn vraagstukken omtrent medische ethiek?
  • Deel 11: wat is mijn visie op zorginnovatie?
  • Deel 12: wat is mijn conclusie?

Tot slot vind je een lijst met boeken en documentaires over dit onderwerp, meer informatie over lezingen die ik over zorginnovatie geef en alle links in de bronnenlijst.


Zorginnovatie. Wat is daar de betekenis van?

Wat is innovatie in de zorg?

Innovatie is het ontdekken en toepassen van nieuwe ideeën om iets sneller, handiger, goedkoper of beter te maken. Vanuit mijn perspectief hoeft dit niet altijd (nieuwe) technologie te zijn. Zo kan je een proces in de zorg ook beter maken door technologie die al bestaat. Of juist door het combineren van verschillende dingen.

Toen ik mijn afstudeeronderzoek deed bij het Universitair Medisch Centrum in Groningen, waren ze daar continu bezig met vernieuwing, innovatie en technologie [link onderin]. Bij de meeste ziekenhuizen en zorginstellingen is hier een apart team of afdeling voor opgericht of worden externe adviseurs ingehuurd om ze hierbij te helpen.

Betekenis zorginnovatie

Een voorbeeld van hoe je niet per se iets nieuws hoeft toe te passen, is dat ik in mijn eigen onderzoek bij de afdeling Radiologie keek naar de kwaliteit van dienstverlening [link onderin]. Daarvoor gebruikte ik een model en voorbeelden die in andere sectoren worden gebruikt.

Zonder al te veel de diepte in te gaan; hoe jij als patiënt de kwaliteit aan dienstverlening ervaart is niet alleen afhankelijk van de inhoud. Een arts kan heel goed werk leveren, maar als hij of zij je niet begroet of veel te laat op de afspraak komt, zal je de kwaliteit minder goed beoordelen.

Vaak als het over innovatie in de zorg gaat, worden voorbeelden zoals big data en robots gebruikt. Die zijn het meest aansprekend en springen in het oog. Maar innovatie gaat ook om de manier waarop instellingen zoals ziekenhuizen en verzorgingshuizen gaan veranderen, wat het betekent voor de professionals in de zorg en hoe het de zorg voor de patiënt (of cliënt) kan verbeteren.

Procesinnovatie

Een ander voorbeeld, waar ik straks meer over schrijf, is dat innovatie ook kan betekenen dat je dingen weglaat. Neem Buurtzorg Nederland of het afschaffen van de vijfminutenregistratie in de wijkverpleging. In beide voorbeelden gaat het om het weglaten van administratieve handelingen, managementlagen of andere dingen die afleiden van het geven van zorg.

Een typerende uitspraak in dit licht is van Jos de Blok, oprichter van Buurtzorg: ‘Managen is flauwekul. Je moet mensen gewoon hun werk laten doen’.

Het verminderen van administratieve handelingen zou veel verlichting bieden. De mensen in de zorg die ik spreek die schatten soms in dat ze 50% van hun tijd daarmee bezig zijn in plaats van te zorgen voor de patiënten.


In 2019 gaf ik een lezing op het Nationaal Congres Gezondheidsrecht. Het was ook leuk om voor een zaal met juristen (specialisme: gezondheidszorg) te vertellen over zorginnovatie. Zie mijn bericht op Instagram hieronder:


Waarom is innovatie in de zorg nodig, zeker in Nederland?

Innovatie zorg Nederland

Waarom is innovatie in de zorg nodig? In grote lijnen zijn er een aantal ontwikkelingen die maken dat vernieuwing in de gezondheidszorg nodig is:

  1. Groeiend tekort aan personeel;
  2. Assertieve en beter geïnformeerde patiënten;
  3. Toenemende levensverwachting;
  4. Tekort aan financiële middelen;
  5. Technologische ontwikkelingen;
  6. Betere gezondheidszorg.

Deze ontwikkelingen hangen met elkaar samen. Zo zorgt de toenemende levensverwachting er meer mensen langer gezondheidszorg nodig hebben (ontwikkeling #3). Hal Wolff noemt dit in het boek Augmented Health(care) de zogenaamde ‘zilveren tsunami’ die op ons afkomt.

Er komt een zilveren tsunami op ons af

Hal Wolff

Om voor al deze mensen goede zorg te verlenen (en voor een langere tijd aangezien ze gemiddeld gezien ouder worden) is er meer personeel nodig (ontwikkeling #1). Omdat mensen langer zorg nodig hebben, zorgt dit ook voor een verhoging van de zorgkosten (ontwikkeling #4).

Verder zijn patiënten steeds beter geïnformeerd door informatie op internet en social media (ontwikkeling #2). Zo blijkt 70% van de patiënten voorafgaand aan een afspraak met de huisarts te online alvast op zoek te gaan naar informatie.

Gebruikerservaring

Tegelijkertijd zijn patiënten in hun rol als gebruikers van nieuwe technologie zoals Amazon, bol.com, Coolblue, Facebook en Apple een hele andere ervaring gewend (ontwikkeling #5). Zij verwachten dezelfde snelheid, hetzelfde gemak en comfort van steeds meer diensten en instellingen in hun leven. Waaronder de gezondheidszorg.

Andersom, zoals je verderop zult lezen, azen technologiebedrijven ook het enorme marktpotentieel die de gezondheidszorg te bieden heeft.

Betere zorg

De laatste reden is wellicht een open deur, maar innovatie kan de zorg beter maken. Zo neemt de levensverwachting in de afgelopen decennia sterk toe door verbeteringen en vernieuwingen in de gezondheidszorg. Neem de tijd dat een patiënt gemiddeld doorbrengt in een ziekenhuis. Tien jaar geleden was dat 15 dagen, tegenwoordig is dat 3 dagen.

Noodzaak

Op basis van deze ontwikkelingen is er maar één conclusie: innoveren is nodig voor huidige zorginstellingen. Het alternatief (niets doen) is op basis van de bovenstaande argumenten op lange termijn niet meer houdbaar.


Wat zijn de belangrijkste trends en ontwikkelingen in zorginnovatie? In dit deel richt ik me op algemene ontwikkelingen.

Verderop lees je meer over mijn expertise: biohacking. Daar schrijf ik over ontwikkelingen zoals preventie, geïndividualiseerde zorg, gentherapie en nog veel meer.

Op mijn blog schreef ik ook een artikel over de toekomst van de gezondheidszorg, onder andere over regeneratieve geneeskunde.

Wat is de toekomst van de zorg? Als spreker over zorginnovatie vertel ik vaak over de belangrijkste trends en ontwikkelingen. De belangrijkste trends (inclusief voorbeelden) zijn:

  1. Software;
  2. Big data;
  3. Blockchain;
  4. Kunstmatige intelligentie;
  5. Bedrijfsleven.

De trends heb ik in dit artikel verder uitgewerkt. Hieronder staat nog een mindmap met hoe de verschillende ontwikkelingen samenhangen.

Mindmap met een samenvatting van welke concepten ik belangrijk vind en hoe ze met elkaar samenhangen.


Software

De neiging die in meer industrieën speelt (zoals de reiswereld, muziek, media en retail) ontstaat ook meer in de gezondheidszorg. Luciën Engelen: ‘De gezondheidszorg wordt een software industrie.’ Een voorbeeld daarvan is telemedicine en telehealth, oftewel zorg op afstand.

De gezondheidszorg wordt een software industrie

Luciën Engelen

Door videoconferencing en virtual reality hoeft een arts, specialist of verpleger niet altijd meer bij de patiënt te zijn om advies te geven, een diagnose te stellen of zorg te verlenen. Het aantrekkelijke van deze visie is dat het de gezondheidszorg in ontwikkelingslanden ook radicaal kan verbeteren.

Casus app Halodoc (Indonesië)

Een voorbeeld hiervan is de app Halodoc in Indonesië. Uit een artikel met NRC uit begin 2020 blijkt dat 20.000 artsen bij de app zijn geregistreerd en 1.300 apothekers [link onderin]. Het doel van de dienst is om de toegang tot de gezondheidszorg te verbeteren. Zo zijn de artsen in het land ongelijk verdeeld. In Papoea of Kalimantan zijn veel minder artsen dan op Java.

Een bijkomend voordeel van deze methode is dat patiënten de app gebruiken voor onderwerpen die taboe zijn in Indonesië. Bestuursvoorzitter Sudharta zegt dat hij op basis van gesprekken met artsen hoort dat somberheid en depressieve klachten de meest voorkomende redenen zijn dat patiënten de app raadplegen.


Big data

Big data in de gezondheidszorg wordt gedreven door digitalisering, zoals Zayna Khayat mij vertelde in een videointerview die je verderop in dit artikel kan bekijken. Zayna is bij Singularity University betrokken bij de toekomst van de zorg en zorginnovatie.

Alles wat wordt gedigitaliseerd, kun je immers makkelijker analyseren. Een simpel voorbeeld: door bloedwaardes op te slaan in een database en deze te ontsluiten, kun je analyses doen om trends te ontdekken of vergelijkingen te maken.

Door gebruik van data kun je ook voorspellingen doen over de ontwikkeling van iemand zijn gezondheid. Kan een app straks voorspellen wanneer ik griep krijg (en nog beter: wat moet ik doen om dit te voorkomen?). Verderop zul je in het deel over kunstmatige intelligentie hier meer over lezen.

Quantified health

Niet alleen data dat wordt gegenereerd binnen een instelling draagt hieraan bij. Patiënten produceren steeds meer data zelf. Dit wordt ook wel de quantified self genoemd [link onderin]. Nu is het nog zo dat je als patiënt bij de dokter komt of naar het ziekenhuis gaat, dat er dan op één moment een opname wordt gemaakt. In de toekomst verzamelen we continu data over ons zelf. Geen incidentele ‘snap shots’ meer.

Door het gebruiken van die data voor de gezondheid en gezondheidszorg kan je spreken van ‘quantified health’. In het deel over Open Science kom ik terug op de mogelijkheden om die gezondheidsdata te delen voor wetenschappelijk onderzoek.

Het begint met de eigendom en toegang tot je eigen gezondheidsdossier. In Nederland is dit al jaren een pijnpunt, terwijl in landen zoals Estland, Zweden, Finland, Israël en Singapore dit al jaren het geval is.

Sensoren

Kris Verburgh was de andere spreker op de Singularity University Summit 2017 over het onderwerp zorginnovatie. Hij noemde naast data nog een aantal ontwikkelingen die de gezondheidszorg radicaal gaan veranderen: sensoren, cloud computing, robots, kunstmatige intelligentie en biotechnologie. Hij richtte zich in zijn verhaal vooral op sensoren. ‘In de toekomst gaan we overal sensoren in stoppen.’

Een concreet voorbeeld hiervan zijn de slimme oordopjes van Dash. Met deze oordopjes kun je niet alleen muziek luisteren, maar de sensoren in de apparaatjes meten onder meer je hartslag, het aantal calorieën dat je verbrandt en aantal stappen dat je zet.

Rol smartphone

Waar dit toe leidt? ‘De sensoren, in combinatie met slimmere software zorgen, dat de mobiele telefoon onze beschermengel wordt.’ Dit sluit aan op de voorspelling van Luciën Engelen: ‘We gaan steeds meer naar een toekomst toe waarin het meten van (vitale) lichaamsfuncties worden gedelokaliseerd.’

De mobiele telefoon vervult hierin een essentiële rol. Het wordt de hub waar alle metingen en data binnenkomen.

Slim huis

De sensoren zitten in je smartphone, maar ook op straat of in je huis. Volgens een onderzoek onder 7.200 Europeanen van het Taiwanese bedrijf leeft ongeveer 12% van de Europeanen in een zogenaamde ‘smart home’. Dit is een huis waarin huishoudelijke apparaten, slimme verlichting, virtuele assistenten, slimme camera’s en thermostaten via wifi op afstand te bedienen zijn. In Amerika en China ligt dat percentage volgens Irene van der Linde in een artikel in De Groene Amsterdammer een stuk hoger [link onderin].

Die apparatuur meet ook ons gedrag en onze gezondheid. Neem een slimme badmat die je gewicht en BMI meet. Een slim toilet die je ontlasting analyseert en een matras vol met sensoren die je nachtrust analyseert.

Ad van Berkel heeft de startup UNSense opgericht. Dit bedrijf doet onderzoek naar de toekomst van wonen en werken. Door slimme technologie blijven we langer thuis wonen en verandert onze omgang met ons huis. Van Berkel: ‘Je huis wordt als een meubel’. Ik zou zijn visie nog verder willen uitbreiden: je huis wordt je ziekenhuis, in ieder geval wat de metingen en monitoring betreft.

Video digitalisering zorg

Tijdens de Singularity University the Netherlands Summit 2017 in Haarlem had ik een interview met Zayna Khayat van de REshape Centre Nijmegen. Zij legt uit waarom innovatie in de gezondheidszorg onvermijdelijk is, omdat het één van de laatste sectoren is dat gedigitaliseerd wordt.

Interview met Zayna Khayat, REshape Centre Radboudumc Nijmegen


Blockchain

Maar hoe regel je opslag en toegang tot deze data? Zeker in het licht van de toenemende interesse van bedrijven, waarover je meer zult lezen in de volgende trend.

Een mogelijke oplossing voor de opslag en toegang tot patiëntendata is de blockchain technologie [link onderin]. De klacht die artsen en professionals in de zorg vaak uiten, is dat ze zoveel tijd bezig zijn met het invoeren en opzoeken van data. Een geluid dat veel patiënten hebben, is dat het onduidelijk is wie allemaal toegang heeft tot hun medische gegevens.

In Nederland komt dit terug in de discussies rond het elektronisch patiëntendossier (EPD). De naam suggereert dat er een online dossier is van de gezondheidsgegevens van elke Nederlander, dat door alle ziekenhuizen en artsen bekeken kan worden. Maar eigenlijk is het software waarmee medische gegevens aan derden beschikbaar wordt gesteld.

Werking

In de Verenigde Staten doen onderzoeksinstellingen en bedrijven onderzoek naar de inzet van blockchain technologie om dit beter, makkelijker, veiliger en transparanter te maken. De blockchain is een gedistribueerd grootboek waarin alle registraties en wijzigingen daarop door het hele netwerk geaccordeerd moeten worden. Met een mooi woord heet dit ‘consensus’.

Het bedrijf Deep Mind Health, eigendom van Google, heeft een project genaamd ‘Verifiable Data Audit’. Dit is een digitaal grootboek waarin de registratie en toegang tot medische data op een versleutelde wijze worden bijgehouden. Dat betekent als iemand er toegang tot wil of wijzigingen in gaat aanbrengen, dit wordt geregistreerd.

Volgens de ontwikkelaar is het op een gegeven moment mogelijk dat de patiënt zelf kan aangeven wie en/of welke instantie toegang krijgt tot de medische informatie. De toepassingen zijn daarmee breder dan alleen gezondheidszorg, want dit maakt het wellicht ook makkelijker om bij te dragen aan wetenschappelijk onderzoek door het delen van je data.

Video blockchain zorg

In november 2017 interviewde ik Rutger van Zuidam, hij is eigenaar van Dutchchain.com en een van de organisatoren van de Blockchaingers Hackaton.

We praten over wat blockchain betekent voor vertrouwen, de impact op de gezondheidszorg en de koers van bitcoin. Rond 2.15 vertelt hij over de toepassingen van blockchain in de zorg.

Interview met Rutger van Zuidam tijdens de Singularity University the Netherlands Summit


Kunstmatige intelligentie

Naast de opslag van data, waar blockchain een methode voor kan zijn, is een andere uitdaging de integratie en analyse van alle data. Een bloemlezing van de data die er beschikbaar is van een patiënt: sensor data, lab testen, afbeeldingen (van scans), electronisch patiëntendossier, DNA (genoom) en het epigenoom.

In dat licht is de uitspraak van Kris Verburgh wel treffend: ‘In de komende jaren zal het leven worden gedigitaliseerd.’ Hij doelt daarbij op het genoom (DNA analyse), het connectoom (de neuronen en synapsen in je hersenen), het microbioom (samenstelling van je darmbacteriën) en het epigenoom (hoe komen genen tot expressie).

Voorbeelden kunstmatige intelligentie zorg

Maar het is toch onmenselijk om die berg met data te analyseren? De oplossing is kunstmatige intelligentie [link onderin]. Een bekend voorbeeld is Watson van IBM. Watson wordt al in veel ziekenhuizen gebruikt door specialisten om hen te helpen in het analyseren van data.

Een paar voorbeelden van het gebruik van kunstmatige intelligentie in de zorg zijn:

  • In 2015 toonde een Nederlands onderzoek aan dat door een computer gestelde diagnoses van prostaatkanker aan de hand van MRI afbeeldingen even goed waren als die van menselijke radiologen [link onderin].
  • Uit een onderzoek uit 2016 van Stanford bleek dat kunstmatige intelligentie met behulp van microscoopbeelden longkanker beter kon diagnosticeren dan menselijke pathologen [link onderin].
  • In de Verenigde Staten heeft de FDA (Food and Drugs Administration) in april 2018 een software programma hebben goedgekeurd die een oogdiagnose kan doen [link onderin]. De software met de naam IDx-DR kan een bepaalde oogziekte detecteren door een foto van de retina te analyseren. De software kan hiermee diabetische retinopathie ontdekken. Dit is een aandoening waar teveel bloedsuiker de bloedvaten aan de achterkant van het oog aantast.

Betere zorg?

In welke mate leidt kunstmatige intelligentie tot betere zorg? Want het gaat ook nog wel eens mis. Een onderzoek uit 2015 in de Verenigde Staten laat zien dat tussen 2000 en 2013 er 144 sterfgevallen en 1.391 gevallen van letsel zich hebben voorgedaan die verband hielden met door robots verrichte chirurgische ingrepen [link onderin]. Veel voorkomende problemen waren niet alleen hardwarekwesties, maar ook softwareproblemen zoals ongecontroleerde bewegingen en spontane uitval.

Dat neemt niet weg dat het overige deel van de bijna 2 miljoen door dit rapport geanalyseerde robotoperaties goed verliep, en dat robots chirurgische ingrepen kennelijk eerder veiliger dan riskanter maken. Een ander onderzoek van de Amerikaanse overheid liet namelijk zien dat behandelfouten in het ziekenhuis in de Verenigde Staten leidt tot meer dan honderdduizend doden per jaar [link onderin].

Video kunstmatige intelligentie zorg

Op de AI Congress 2018 in Londen sprak ik met Bill Aronson (AIRG), Dr. Dafydd Loughran (Babylon Health) en Christopher de Rudofl (Vovl Global) over kunstmatige intelligentie in de zorg.

Bekijk de video hieronder:

Verslag met 3 interviews op de AI Congress 2018


Invloed bedrijven

Door de toename van technologie in de zorg, lijkt het een kwestie van tijd voordat technologiebedrijven gaan toetreden tot de markt van de gezondheidszorg. Bedrijven als Google en Apple zijn actief bezig met het verzamelen van gezondheidsinformatie, terwijl Amazon zich ook lijkt voor te bereiden om de zorgmarkt te betreden.

Voorbeelden hiervan zijn

  • Apple;
  • Amazon;
  • Google ;
  • Babylon Health;
  • Start-ups Nederlands;

Hieronder laat ik kort zien hoe deze bedrijven op de toekomst van de zorg willen inspelen.


Apple

De iPhone heeft vanaf de 6 editie een M7 chip die je activiteiten kan tracken. Destijds door veel mensen als een grote stap beschouwd. De M7 chip is immers een coprocessor. Dit houdt in dat de primaire processor je reguliere telefoonactiviteiten kan uitvoeren, maar dat de coprocessor zich kan bezighouden met het bijhouden van je bewegingen en activiteiten.

Het had even geduurd, maar Apple richt zich binnen iOS meer en meer op quantified self en livelogging. Vanaf iOS 8 zit straks de app ‘Health’ (in het Nederlands heet de app ‘Gezondheid’). Volgens Apple zelf verzamelt de app Health alle data uit gezondheids- en fitnessapps. Van je bloeddruk, hartslag, cholesterol, gewicht en wat nog meer.

Researchkit

Al die data biedt Apple op een geaggregeerd niveau aan in ResearchKit. Daarmee kun je medisch onderzoek doen met behulp van de iPhone. Volgens topman Tim Cook is van daaruit CareKit ontstaan. Het doel van CareKit is om patiënten te helpen.

Tim Cook in 2016: ‘Gezondheidszorg is klaar voor simpelheid en een nieuwe blik. Daar willen we aan bijdragen.’ Daarbij gaat het niet alleen om telefoons, maar ook de Apple Watch speelt daar een belangrijke rol in. Daarmee kun je immers continu allerlei lichaamsfuncties meten.


Amazon

Een ander technologiebedrijf die veelal in verband wordt gebracht met gezondheidszorg is Amazon. Er zijn een aantal argumenten te verzinnen waarom Amazon geschikt zou zijn om de gezondheidszorg te verlenen.

  • De eerste is dat zij nu eigenaar zijn van een heleboel fysieke winkels na de overname van Whole Foods. Deze winkels kunnen een ideale plek zijn om in de toekomst diagnostische testen te doen.
  • De tweede reden is dat Amazon heel goed is in het organiseren en optimaliseren van het logistieke proces. Luciën Engelen: ‘Als je nagaat dat 80% in de gezondheidszorg gaat om logistiek, dan heeft Amazon daar een geweldige uitgangspositie’.
  • De derde reden is dat Amazon in 2019 samen met Berkshire Hataway en J.P. Morgan het bedrijf Haven heeft opgericht [link onderin]. Dit bedrijf richt zich op preventieve zorg, in eerste instantie alleen voor de medewerkers van Amazon.

Google

Google komt niet altijd goed in het nieuws als het gaat om de eigendom en toegang tot gezondheidsdata. In 2019 kwam nog in het nieuws dat de privacygevoelige data over de gezondheid van miljoenen Amerikanen door Google is verzameld zonder de toestemming van die gebruikers [link onderin].

In eerste instantie lijken ze hun diensten aan te bieden voor de opslag van data. De vervolgstappen zijn het ontwikkelen van algoritmes voor de gezondheidszorg. Dit hebben ze al reeds gedaan voor afbeeldingen van de retina (in relatie tot hartaandoeningen), biopten (in relatie tot borstkanker) en het berekenen van vroegtijdig overlijden van een patiënt.

Start-up tegen veroudering

Toch zijn er ook een aantal initiatieven die buiten de kernactiviteiten van Google lijken te vallen. Zo hebben ze een augmented reality microscope ontwikkeld, een app voor verpleging en een start-up dat zich bezig houdt met onderzoek om veroudering tegen te gaan [link onderin].

Om die reden schrijft James Vincent van The Verge in 2019 dan ook dat onduidelijkheid het grootste probleem met de activiteiten van Google in de zorg is [link onderin]. Er lijkt vooralsnog geen duidelijke strategische visie te zijn over de rol van Google’s producten en diensten in de gezondheidszorg.


Babylon Health

Apple, Amazon en Google zijn Amerikaanse ondernemingen. Waarschijnlijk zal dit in Europe wat minder hard gaan vanwege bestaande wet- en regelgeving, maar dit betekent niet dat instellingen hier voor altijd veilig zijn.

In Engeland is Babylon Health, die ik ook heb geïnterviewd in mijn video over kunstmatige intelligentie in de zorg, hier al mee bezig. Ze richten zich op preventie en abonnementen om je gezond te houden (in plaats van geld te verdienen om je te genezen).


Startups gezondheidszorg Nederland

In Nederland richten steeds meer startups zich op de gezondheidszorg. In de onderstaande kaart staan clusters zoals incubators of netwerkorganisaties op het gebied van de gezondheidszorg (rode iconen), biotechnologie (groene iconen) en overige clusters die te maken hebben met biohacking (gele iconen).

Als je nog een aanvulling hebt, geef me dat dan door via het contactformulier of plaats een reactie onderaan dit artikel.

Kaart met startup clusters in Nederland op het gebied van gezondheidszorg (rode iconen), biotechnologie (groene iconen) en overige die gerelateerd zijn aan biohacking (geel).

Verderop in dit artikel kom ik terug op de de praktische en morele uitdagingen en risico’s die de groeiende invloed van het bedrijfsleven op de zorg kan hebben.


Wat zijn voorbeelden van innovatie in de gezondheidszorg?

Voorbeelden innovatie zorg

Hoe lang duurt het voordat een goed idee daadwerkelijk geïntroduceerd kan worden in de gezondheidszorg? Grofweg duurt dit ongeveer 10 a 17 jaar, vanwege de uitgebreide testprocedures en regels. Sterker nog: ongeveer 10% van de innovaties bereikt de markt.

Toch zijn er al een paar mooie voorbeelden van zorginnovatie, naast de toepassingen en cases waarover je eerder al hebt gelezen.

  • AliveCor;
  • Lumify;
  • Longmaster;
  • Buurtzorg;
  • Exoskelet.

De voorbeelden werk ik hieronder kort uit.

AliveCor

Een gepensioneerde cardioloog ontwikkelde een strip die je aan de achterkant van je smartphone kan bevestigen. Door je vingers daarop te houden maak je een electrocardiogram (ECG) [link onderin].

Diverse ziekenhuizen zoals het LUMC en zorgverzekeringen doen hier testen mee [link onderin]. Dit een relevant voorbeeld omdat het staat voor de verschuiving waarbij patiënten steeds meer metingen zelf gaan verrichten.

Lumify

Dit is een draagbaar echografie-apparaat voor in de huisartsenpraktijk. Het apparaat kan uitgelezen worden op een smartphone of tablet [link onderin].

Dit is een relevant voorbeeld omdat het laat zien dat steeds meer diagnoses en behandelingen (straks) niet meer in het ziekenhuis uitgevoerd hoeven te worden.

Longmaster

In China heeft het bedrijf Longmaster een online ziekenhuis opgezet, speciaal voor patiënten met complexe aandoeningen [link onderin]. Het idee is vooral dat de experts in de grote steden van China via video verbinding hebben met hun collega’s om hen te helpen om diagnoses te stellen of behandelingen voor te schrijven.

Het voordeel voor de patiënten is dat ze minder vaak een reis naar de expert in het ziekenhuis in de grote stad hoeven te maken. Dit voorbeeld lijkt enigszins op de app Halodoc die ik eerder beschreef.

Buurtzorg

In 2006 was Jos de Blok bestuurder bij een grote zorginstelling. Hij lanceerde allemaal ideeën over zelfsturende teams, maar de rest van zijn bestuur wilde daar niet aan.

In een artikel in De Correspondent staat dat hij zijn werknemers als intrinsiek gemotiveerde professionals ziet, die zelf weten hoe ze hun werk het beste kunnen doen [link onderin]. De organisatie Buurtzorg heeft geen managers, callcenters en planners. De teams van ongeveer twaalf vakmensen doen alles zelf.

Dit is een voorbeeld van niet zozeer technologische innovatie, maar meer proces- of systeeminnovatie.

Exoskelet

Als biohacker ben ik benieuwd hoe biomedische technologie mensen kunnen helpen of beter maken. Zo raakte ik in contact met Dennie Jager die een dwarslaesie heeft. Via crowdfunding heeft hij een exoskelet kunnen betalen en hij zet zich nu in om deze technologie breder beschikbaar te maken.

In 2019 interviewde ik hem hierover voor mijn Youtube kanaal. Bekijk het interview hieronder:

Interview met Dennie Jager over exoskeletten

Hoe verandert de communicatie in de gezondheidszorg?

Communicatie

De wijze waarop patiënten met zorgorganisaties, professionals en specialisten (en die ook onderling) communiceren en de interactie van mensen met technologie zal in de komende jaren behoorlijk veranderen.

Dit zijn enkele voorbeelden:

  • Spraak;
  • Chatbots;
  • Videoconferencing.

Deze voorbeelden werk ik hieronder verder uit.

Spraak

Het meest spraakmakende voorbeeld (pun intended) is spraakherkenning. Hieronder valt het gebruik van producenten en diensten zoals Amazon Echo en Google Home. Het zal straks heel normaal zijn om tegen deze apparaten te roepen: ‘Bestel weer medicijnen tegen een hoge bloeddruk voor me’.

Dit systeem maakt gebruik van kunstmatige intelligentie om je opdracht te ontcijferen en te combineren met andere data, bijvoorbeeld uit je patiëntendossier, om te bepalen welk merk en met welke dosering hij de bestelling moet doen.

Niet alleen de patiënt gaat op een andere manier met technologie communiceren, maar juist ook de zorgprofessional. Neem een chirurg die een robot met haar stem bediend of een verpleegkundige die de administratie van zijn werkdag doet door tegen een apparaat te praten.

Chatbots

Het ontsluiten van de informatie die een patiënt op dat moment nodig heeft, zal in toenemende mate worden gegeven door chatbots. Een mooi voorbeeld is Nadia. Zij is een chatbot met wie je kan videobellen, maar zij kan ook de emoties aflezen aan de hand van je gezichtsuitdrukkingen [link onderin].

Naast deze vormen van communicatie die leunen op kunstmatige intelligentie systemen, gaat de interactie tussen mensen op andere manieren veranderen.

Videoconferencing

De afstand tussen de professionals en de patiënt of de professionals onderling wordt minder relevant door videoconferencing. Dit betekent bijvoorbeeld dat professionals via een online diensten als Skype, Google Hangout of vergelijkbare pakketten met elkaar kunnen en met patiënten kunnen communiceren.

Een stap verder is de combinatie met operatierobots. Bijvoorbeeld: een specialist aan de andere kant van de wereld kan direct meekijken met een operatie of zelf de controle overnemen voor een specifieke procedure.

Virtual reality

Andere verwante toepassingen zijn augmented reality en virtual reality. Augmented reality is een vorm waarbij een laag over de werkelijkheid wordt gelegd, zoals met een bril zoals Google Glass. Virtual reality is een vorm waarbij de gebruiker helemaal ondergedompeld is in een andere realiteit.

Een voorbeeld is VisitU [link onderin]. Hier vertelde Stefan van Rooijen over voor de lezing die ik zelf gaf bij het Maxima Medisch Centrum (MMC) in Veldhoven. Stefan was destijds ook werkzaam bij het MMC. VisitU is bedoeld voor patiënten, zodat ze bijvoorbeeld beter voorbereid zijn op een komende behandeling.

Conclusie communicatie

Al deze veranderingen betekenen volgens mij niet (per se) dat de gezondheidszorg onpersoonlijker wordt, maar het is juist een kans voor professionals en specialisten om zich te richten op hun toegevoegde waarde en het (empathische) contact met de patiënt.


Wat zijn uitdagingen van deze ontwikkelingen?

Uitdagingen

Zoals je eerder hebt kunnen lezen bereikt maar 10% van de innovaties uiteindelijk de markt. Vernieuwen in elke markt, laat staan de gezondheidszorg, is enorm moeilijk. Wat zijn nog meer valkuilen, risico’s en uitdagingen?

  • Eigendom data;
  • Informatieveiligheid;
  • Integratie;
  • Tijd;
  • Valse beloften.

Deze uitdagingen werk ik hieronder kort uit.

Eigendom data

Wie of wat bepaalt de toegang tot de data van patiënten? Ben jij dat zelf? Of is het de leverancier van medische apparatuur die de data verzamelt? Of is dat het ziekenhuis, de zorgverzekeraar of de overheid?

In het Verenigd Koninkrijk heeft de NHS een uitspraak gedaan dat medische data van een patiënt altijd door diezelfde patiënt opgevraagd moet kunnen worden [link onderin]. Dit geldt straks ook voor ziekenhuizen en andere zorginstellingen: welke algoritmes geef je vrij en welke data deel je (en welke niet)?

Informatieveiligheid

Hoe meer dingen worden gedigitaliseerd, hoe belangrijker informatiebeveiliging wordt om de privacy, de gezondheid en veiligheid van de patiënten te beschermen. Dit gaat om de bescherming tegen hackers, maar ook over de de plicht om te voldoen aan de eisen van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG).

In juni 2018 gaf ik hier overigens een workshop over bij de HCDO. Naast technologische waarborgen gaat het ook vooral om gedrag en bewustwording.

Integratie

Een aandoening komt meestal niet alleen. De hoeveelheid multisysteem aandoeningen nemen toe naarmate we met de gezondheidszorg mensen steeds langer laten leven. Het nadeel hiervan is dat het veelal leidt tot gefragmenteerde zorg.

Die fragmentatie, ook in het handelen van de specialisten, maakt vernieuwing lastig omdat iedere groep zijn eigen belangen heeft.

Tijd

Vroeger heb ik een paar jaar als huishoudelijke hulp in de thuiszorg gewerkt. Veel familieleden en vrienden werken nog steeds in de gezondheidszorg. Hun terechte tegenwerping als ik vertel over zorginnovatie is dat ze al druk genoeg zijn met hun eigen werk of opleiding.

Hetzelfde geldt voor instellingen en organisaties. Alleen al het voldoen aan de zorgvraag en alle eisen van het moment is vaak al een enorme opgave.

Valse beloftes

Voor lange tijd was het bedrijf Theranos de lieveling van investeerders en van aanhangers in zorginnovatie. De belofte was namelijk dat je met een enkele druppel bloed een hele reeks gezondheidsanalyses kon doen. Uiteindelijk bleken onderzoeksresultaten gefalsificeerd te zijn en viel het bedrijf om. In het boek Bad Blood wordt dit weergaloos beschreven [link onderin]. Hier zal ik in het deel over boekentips nog meer over schrijven.

Dit voorbeeld laat zien dat de regels en uitgebreide testprocedures in de gezondheidszorg belangrijk zijn, als ook een gezonde dosis scepsis als het gaat om zorgvernieuwing.


Wat betekent dit voor iedereen die in de in de zorg werkzaam is of zorg nodig heeft?

Rollen

Uiteraard is het niet te voorspellen welke van de eerder genoemde ontwikkelingen in welk jaar, met welke snelheid en op welke wijze waarheid gaan worden.

Maar het staat buiten kijf dat de inhoud van het werk van de professionals gaat veranderen en dat het de relatie met de patiënt gaat veranderen. Een paar van die rollen heb ik hieronder uitgewerkt.

  • Patiënt;
  • Huisarts;
  • Medisch specialist;
  • Verpleegkundige;
  • Paramedici en onderzoekers.

De verandering in een aantal rollen heb ik kort beschreven.

Patiënt

De plek van de patiënt gaat veranderen. In zijn boek noemt Luciën Engelen dit het ‘Copernicus moment’. Nu bewegen de patiënten zich naar de specialisten toe, straks bewegen de specialisten zich rondom de patiënt. De patiënt wordt een actieve partner in het zorgproces, aangezien hij of zij de ervaringsdeskundige is.

Een interessante toevoeging hierop komt van Annemieke Vroom, directeur van stichting IKONE [link onderin]. Volgens haar gaat het niet alleen om de patiënt zelf, maar juist nog breder: ook de sociale groep rondom de patiënt zoals de partner, de ouders, de kinderen, familie, vrienden en andere betrokkenen.

Huisarts

Hoe verandert het werk van een huisarts, wanneer bijvoorbeeld een sensor op de mobiele telefoon de samenstelling van bacteriën en virussen in je adem kan analyseren analyseren.

Een ander voorbeeld is dat je met een analyse van je stem kan voorspellen of je binnen nu en 20 jaar de ziekte van Parkinson kan ontwikkelen.

Waarschijnlijk verandert de rol van de huisarts in die van coach. De huisarts wordt dan ondersteund door automatische analyses van de patiëntendata. Zij interpreteert de voorgestelde diagnose, maakt in samenspraak met de patiënt een besluit en begeleidt de patiënt daarna verder in het proces.

Medisch specialist

In een wereld waarin kunstmatige intelligentie steeds meer kennistaken overneemt, zal de medisch specialist, net als de huisarts, zich steeds meer opstellen als een coach en adviseur van de patiënt.

De vraag die relevant wordt is wanneer je als patiënt een mens wil en wanneer een machine. Heb je als patiënt menselijkheid en compassie nodig als je wordt verteld wat je mankeert? Of vind jij het prima om gewoon de feiten te lezen van een beeldscherm?

Waarschijnlijk verschilt dat ook per geval. In het geval van een verkoudheid of een griepje, is het prima dat een app je de diagnose geeft. In het geval van complexe aandoeningen zoals stress, astma of diabetes dan heb je nog wel de menselijke inschatting nodig én een arts of medisch specialist die het op een empathische manier aan je kan uitleggen.

Verpleging en verzorging

In zijn boek geeft Luciën Engelen ook speciale aandacht aan verpleegkundigen en verzorgers. Dit is namelijk de grootste groep in de gezondheidszorg, die momenteel amper bij innovatie betrokken wordt.

Dit is zonde, aangezien zij zicht hebben op zowel de klinische zorg als ook de ervaring van de patiënt. Dit merk ik zelf ook. Tijdens mijn studietijd heb ik als huishoudelijke hulpverlener gewerkt bij Thuiszorg Groningen (tegenwoordig TSN).

Destijds merkte ik dat de theoretische ideeën die ik opdeed bij de studie Bedrijfskunde niet altijd even goed opgingen in de praktijk. Dat is natuurlijk in elke werksituatie het geval, maar naar mijn gevoel speelt dat nog meer in de zorg. Zorg is in de kern een menselijke handeling. Daarvan kan je niet alles automatiseren of vervangen door technologie.

Paramedici

Tot slot zal de inhoud van het werk van paramedici en andere professionals die betrokken zijn bij de zorg veranderen. Een paar voorbeelden zijn:

  • Wat betekent het voor je werk als fysiotherapeut wanneer exoskeletten steeds normaler worden, die de patiënten helpen om weer beter te bewegen?
  • Hoe gaat het werk van medisch onderzoekers veranderen door kunstmatige intelligentie en blockchain?
  • Hoe veranderen financieringsstromen, kwaliteitsbewaking en de rol van andere stafdiensten in de toekomst?

Wat is de toekomst van de zorg? In dit deel schrijf ik over de veranderingen bij de patiënt (waaronder biohacking) en biomedische technologie.

Zorginnovatie en biohacking

Dit deel gaat over zorginnovatie en mijn expertise, namelijk biohacking. In dit deel beschrijf ik de volgende ontwikkelingen:

Op mijn blog heb ik ook een artikel geschreven over de toekomst van de zorg. Daar schrijf ik over gerelateerde ontwikkelingen, zoals regeneratieve geneeskunde.


Preventie

De grootste verandering in de zorg is de omslag van genezen naar preventie. Deze verandering wordt ingezet vanuit allerlei actoren:

  • Medici, zoals professor Rolf Sijmons van het UMC Groningen, pleiten voor een verschuiving in de focus van de geneeskunde [link onderin]. Van genezen naar preventie.
  • Medisch wetenschappers, zoals een groep onderzoekers van TNO en het LUMC, publiceerden eind 2019 het Wetenschappelijk bewijs leefstijlgeneeskunde [link onderin]. Ze willen dat leefstijlgeneeskunde een prominentere plek krijgt in onderzoek en beleid.
  • De Nederlandse overheid sloot in 2018 met zeventig organisaties het Nationale Preventieakkoord [link onderin]. Het doel van dit akkoord is met name om roken, overgewicht en problematisch alcoholgebruik tegen te gaan.
  • Steeds meer bedrijven richten zich op een gezonde leefstijl. In organisaties zelf wordt dit opgezet in het kader van vitaliteitsmanagement en duurzame inzetbaarheid [link onderin].
  • Individuen zijn zich bewuster van hun leefstijl en de invloed daarvan op de gezondheid. Zo doe ik zelf aan een gezond dieet, ga ik een keer per week ijszwemmen en doe ik regelmatig gezondheidstesten. Een bekend voorbeeld van zo’n test is de Total Body Scan van Prescan. Over mijn ervaringen met de Total Body Scan heb ik een video gemaakt [link onderin].

Kortom, de verschuiving van genezen naar preventie lijkt breed te worden gedragen en gestimuleerd.

Chinese dorpsdokter

Toch is preventie helemaal niet zo nieuw. Een mooi voorbeeld van preventieve geneeskunde komt uit het boek Your guide to delight van de Belgische hoogleraar moleculaire oncologie Koen Kas [link onderin].

Zo’n 2.000 jaar geleden kregen dorpsdokters in China alleen betaald als hun patiënten gezond waren. Dit zorgde er voor dat de artsen gemotiveerd waren om ziekten te voorkomen. Dit konden ze ook beter doen dan nu, omdat ze leefden tussen hun patiënten en wisten wat hun leefstijl was.

Technologie maakt preventie mogelijk

Technologie kan het scenario van de Chinese dorpsdokter weer mogelijk maken. Met onze smartphone en slimme sensoren in ons huis worden continu allerlei lichaams- en mentale functies gemeten. Slimme algoritmes analyseren de data en software doet vervolgens aanbevelingen over onze leefstijl.

Die metingen en diagnoses zullen steeds vaker op een andere plek plaatsvinden dan bij de huisarts of in het ziekenhuis. Halverwege 2019 gaf ik een lezing bij het UMC Utrecht in het kader van hun strategiebepaling voor 2024. Mijn lezing werd ingeleid door Margriet Schneider, bestuursvoorzitter van het UMC Utrecht. Zij verwacht dat rond 2030 de helft van de zorg thuis plaatsvindt [link onderin].

In lezingen, zoals die bij het UMC Utrecht destijds, haal ik vaak het voorbeeld van J.A.R.V.I.S. uit de Iron Man films aan. De aanbevelingen voor je leefstijl zal je slimme assistent je melden of zeggen: ‘Gezien je waardes raad ik je aan om vandaag deze supplementen te slikken, de fiets te nemen naar je werk en dit type training te doen.’

Solidariteit

De nadruk op preventie brengt de verantwoordelijkheid voor de gezondheid bij het individu. Op het eerste oog lijkt hier weinig mis mee, maar dit kan wel een bom leggen onder solidariteit.

Een paar voorbeelden hiervan zijn:

  • De Amerikaanse zorgverzekeraar Oscar betaalt hun verzekerden één dollar per dag als hun stappenteller voldoende stappen aangeeft.
  • De Nederlandse zorgverzekeraar ASR heeft een app om gezond gedrag te stimuleren. Met 10.000 stappen per dag kun je de stappenteller terugverdienen of geld terugkrijgen op de premie (van een aanvullende verzekering).
  • De Nederlandse zorgverzekeraar Menzis heeft een soortgelijk programma.

Nu is leeftijd een belangrijke factor in het berekenen van de premie. Deze voorbeelden laten zien dat leefstijl een steeds belangrijkere variabele wordt.

Kritiek op gezondheidsscans

Vanuit diverse professies klinkt er kritiek op deze ontwikkeling. Zo vindt huisarts Michelle van Tongerloo in een artikel in De Correspondent dat (preventieve) gezondheidsscans, zoals de Total Body Scan, patiënten onnodig angstig maken [link onderin].

‘Want wat preventief onderzoek vooral doet, is je ziek maken, angst creëren en afwijkingen opsporen die waarschijnlijk niet aan het licht hadden hoeven komen. Daarnaast kan het je onterecht geruststellen. ’

Gezondheidsfascisme

Laurens Landeweerd, techniek filosoof van de Radboud Universiteit in Nijmegen, heeft kritiek deze tendens naar preventie en individuele verantwoordelijk. In het eerder genoemde artikel in De Groene Amsterdammer noemt hij dit ‘gezondheidsfascisme’.

‘Er gaat een soort van verplichting vanuit, dat wie niet het maximale doet om maar zo gezond en lang mogelijk te leven een last is voor de maatschappij. Maar de vraag is of die manier van leven voor iedereen is weggelegd of we daar wel zo gelukkig van worden’.

In een opinieartikel in de NRC weerleggen medicus ethicus Karin Jongsma en gezondheidsjurist Roland Bertens deze kritiek [link onderin]. Zij stellen dat een verzekeraar alleen maar onderscheid mag maken tussen verzekerden voor de aanvullende verzekering. Uiteraard zijn er dan nog voldoende vraagpunten rondom privacy, doelmatigheid en rechtmatigheid. Maar in de kern passen de initiatieven van verzekeraars zoals ASR en Menzis bij een bredere maatschappelijke tendens naar preventie.


Maatwerk

De toekomst van de zorg is maatwerk en gepersonaliseerd. Als patiënt krijg je precies de zorg, precies de juiste dosering en op het beste moment, afgestemd op je eigen situatie. Hier spelen de eerder beschreven trends zoals big data en kunstmatige intelligentie weer een grote rol: machinaal leren kan helpen om de relaties tussen genen (DNA), ziektes en de respons op een behandeling zichtbaar te maken.

De Griekse arts en grondlegger van de geneeskunde Hippocrates had dit al door: ‘Het is veel belangrijker te weten welke persoon de ziekte heeft dan welke ziekte de persoon heeft.’

Precisiegeneeskunde

Een andere term hiervoor is precisiegeneeskunde. Het grootse voordeel hiervan is dat de juiste patiënt het juiste medicijn krijgt en zinloze bijwerkingen kunnen worden voorkomen.

Het is echter nog niet zo dat we massaal unieke pillen fabriceren die volledig zijn afgestemd op een individuele patiënt. In een interview met de Volkskrant benadrukt Toine Pieters dit [link onderin]. Hij is hoogleraar geschiedenis van de farmacie aan de Universiteit Utrecht. ‘De term wekt ten onrechte die verwachtingen. Het gaat om geneesmiddelen die gerichter werken en maar bij een klein deel van de patiënten effectief zijn, patiënten die de genetische kenmerken van een ziekte met elkaar delen.’

DNA paspoort

Kankeronderzoek loopt voorop in de combinatie van individuele zorg met DNA.De patiënt krijgt in sommige gevallen al een advies over de beste behandeling op basis van een genetische analyse van de tumor. Bij kanker is zo’n analyse al snel de moeite waard, want de behandeling is zeer ingrijpend en kostbaar.

Hoe ziet dat er in de toekomst uit? Volgens Christine Mummery van het Leids Universitair Medisch Centrum zegt in een interview met De Groene Amsterdammer dat ze hoopt dat we in de toekomst allemaal een DNA paspoort hebben, op basis waarvan de arts kan bepalen welke medicijnen bij ons werken en welke niet.


Open science

Open science is een beweging die streeft naar het opener maken van wetenschappelijk onderzoek. Andere termen zijn ‘open onderzoek’ of ‘science in transition’. Frank Miedema, voormalig decaan bij het UMC Utrecht en tegenwoordig programmaleider Open Science, omschrijft het als ‘het juiste onderzoek op de juiste manier doen’. Dit omvat open toegang tot data, data delen en een open agenda voor onderzoek [link onderin].

Potentie

Het delen van patiëntendata heeft enorme potentie. Zoals Martijn Aslander en Erwin Witteveen schrijven in het boek Nooit Af: ‘Wanneer honderdduizenden Nederlanders met behulp van apps en sensoren dagelijks tientallen gegevens die invloed kunnen hebben op hun gezondheid meten en registreren en die gegevens geanonimiseerd uploaden naar een collectieve database, bevat die database al binnen een jaar meer kennis dan de opgetelde kennis van alle medische steekproeven van de afgelopen eeuw.’

Eigen data

Een uitdaging, zoals ik eerder heb beschreven bij het deel over big data, is de eigendom en beschikbaarheid van data. In een interview met de Volkskrant zegt Luciën Engelen: ‘Nu heeft niemand het overzicht van de patiëntgegevens’.

Het doel is dat uiteindelijk de patiënt de regie krijgt. De patiënt bezit alle gegevens en besluit aan wie zij welk deel wil delen. Op die manier kunnen patiënten bijdragen aan medisch onderzoek. Een paar initiatieven zijn de volgende:

  • Researchkit (Apple)
  • Crowdsourcing van data
  • Open Humans
  • Everyday Science

Hieronder lees je een korte beschrijving van de initiatieven.

Researchkit (Apple)

Eerder heb ik al geschreven over de interesse van technologiebedrijven zoals Apple, Amazon en Google in de gezondheidszorg. Het platform ResearchKit van Apple richt zich op medisch onderzoek [link onderin]. Het voordeel dat Apple onderzoekers biedt is de schaal. Want er zijn miljoenen Apple gebruikers die mee kunnen doen aan medisch onderzoek door het downloaden van een app op hun smartphone.

Momenteel zijn er apps ontwikkeld voor onderzoek naar astma, borstkanker, hart- en vaatziekten, diabetes en de ziekte van Parkinson. Gebruikers bepalen zelf of ze willen meedoen aan een onderzoek en welke data ze delen.

Crowdsourcing van data

In 2018 deed ik mee aan een Blockchain Hackaton in Groningen [link onderin]. Een aantal groepen werkte daar aan een crowdfunding system zoals Kickstarter, maar dan voor het doen van medisch onderzoek. In dat geval hebben patiënten veel meer invloed op wat wetenschappers gaan onderzoeken.

Open Humans

Open Humans is een platform om data in op te slaan en te analyseren [link onderin]. Je kan besluiten om je data publiek te delen of juist bij bepaalde onderzoeksprojecten. Het is een community waarin het open beschikbaar stellen van data centraal staat. Dit is echter niet verplicht. Je kan ook de data voor jezelf houden en je eigen datasets onderling met elkaar vergelijken en analyseren.

Everyday Science

Gary Wolf was samen met Kevin Kelly de oprichter van de Quantified Self beweging. In 2020 is hij een ander initiatief gestart, namelijk Everyday Science [link onderin]. De basisgedachte hierbij is dat individuen zelf data over zichzelf verzamelen om ontdekkingen te doen over hun eigen leven en gezondheid.

Deze ontdekkingen gebruiken ze om patronen in hun eigen gezondheidsdata, gedrag en/of ziektebeeld te vinden. Vervolgens willen ze dit met andere patiënten delen om elkaar zo te helpen.

Willen patiënten data delen?

De vraag is of patiënten hun eigen data ook willen delen? In het boek The Patient will see you now haalt Eric Topol een aantal onderzoeken aan. Zo geeft 60% van de respondenten uit een Brits onderzoek aan dat ze hun data willen delen.

Een wereldwijd onderzoek van Intel Healthcare concludeerde dat 76% hun data anoniem wilden delen. Opvallend was dat de percentages hoger lagen in landen buiten de Verenigde Staten (zoals India en Indonesië) en dat gemiddeld gezien respondenten met een hoger inkomen hun data willen delen. Niet heel verassend is dat meer patiënten hun data willen delen om daarmee medisch onderzoek te helpen of de kosten van de gezondheidszorg te beperken.

Spreker open science zorg

In 2019 gaf ik een lezing bij de Vegro Publieksacademie over zelfmeten in de gezondheidszorg:

Lezing De meetbare Mens bij Vegro Publieksacademie


DIY biomedische technologie

Onder de term biomedische technologie kun je alle technologische hulpmiddelen in de zorg kunnen scharen. Mijn interesse als biohacker ligt bij toepassingen die patiënten, doe-het-zelvers en enthousiastelingen zelf hebben gemaakt.

Dit zijn een aantal pioniers:

  • Jack Andraka
  • Robin Koops
  • Mary Moe
  • Tim Omer
  • Four Thieves Vinegar

Hieronder volgt een beschrijving van hun projecten.

Jack Andraka

Het voorbeeld van Jack is exemplarisch voor de invloed van de ‘maker beweging’ op zorginnovatie. Op zijn vijftiende ontdekte hij een nieuwe manier om alvleesklierkanker te ontdekker [link onderin]. Dit deed hij op basis van wetenschappelijke onderzoeken die hij online kan raadplegen.

Hij begon zijn onderzoek omdat zijn lievelingsoom was overleden aan alvleesklierkanker. Jack kwam er achter dat een bepaald proteïne al in een heel vroeg stadium van de ziekte in een verhoogde concentratie in het lichaam aanwezig is. Om die reden ontwikkelde hij een eenvoudige thuistest om hierop te testen.

Deze methode was 90% accuraat, 168 keer sneller, ruim 26 duizend keer goedkoper en 400 keer gevoeliger dan de methoden die op dat moment op de markt waren. Dit voorbeeld laat zien dat het potentieel aan uitvinders enorm is toegenomen door het internet.

Robin Koops

De Nederlandse machinebouwer ontwierp een revolutionaire kunstmatige alvleesklier om zijn suikerziekte onder controle te brengen. In zijn schuur knutselde hij een prototype in elkaar. De kunstmatige alvleesklier meet de suikerspiegel van de patiënt. Bij te hoge waarden spuit het apparaat insuline in het lichaam. Bij te lage waarden krijgt de patiënt het hormoon glucagon, dat de suikerspiegel naar beneden brengt. In de Volkskrant noemt Robin zijn apparaat de ‘Robopump’ [link onderin].

Tim Omer

Het verhaal van Tim Omer lijkt op die van Robin Koops. Tim Omer heeft ook last van suikerziekte. Hij noemt zichzelf een ‘citizen hacker’ [link onderin]. Dit is een beweging die hij omschrijft als ‘normale mensen die het zat zijn om te wachten 0p technologische oplossingen voor hun ziekte en daarom het heft in eigen handen nemen.’

Wat Tim verbaasde is dat het apparaat dat zijn bloedsuiker continu bijhield niet communiceerde met zijn insulinepomp. Hij maakte een systeem met zowel hardware- als software-aanpassingen zodat de insulinepomp direct kon reageren op realtime metingen van de bloedsuiker. Zijn doel is niet om een bedrijf op te richten, maar zijn inzichten open te delen met iedereen.

Mary Moe

In 2019 sprak ik op de conferentie Hacker Hotel. Tijdens het diner vertelde een andere spreker me over Mary Moe [link onderin]. Zij is een Noorse expert in softwarebeveiliging en krijg op relatief jonge leeftijd een pacemaker vanwege een aandoening aan haar hart.

Vanwege haar professionele expertise was ze benieuwd hoe haar pacemaker was beveiligd en of ze het apparaat kon hacken. Dat bleek het geval. Zo paste ze zelf de standaardinstellingen aan om zelf op een hogere hartslag een halve marathon te kunnen lopen.

Haar project kreeg veel aandacht in de media. Momenteel maakt Mary zich sterk voor een groter bewustzijn van de beveiligingsissues van medische apparatuur.

Four Thieves Vinegar

De Four Thieves Vinegar is een hackerscollectief. Zij waren gefrustreerd met de prijsstijgingen van de EpiPen. Dit is een injectieapparaat voor patiënten met bepaalde allergieën. In de periode van 2007 tot en met 2016 ging de prijs van een dosis van 57 dollar naar 318 dollar. In de New York Times kwamen patiënten en belangengroepen aan het woord die zich zorgen maakten over de beschikbaarheid van deze medicatie.

Het hackerscollectief besloot om daarom zelf een handleiding te maken om zelf de EpiPen na te bouwen. Ze noemden dit de EpiPencil [link onderin]. Het maken van dit apparaat kost nog maar 30 dollar.


Biotechnologie en gezondheidszorg

Biotechnologie is de technologische toepassing van biologische kennis. Anders gezegd: het is technologie gebaseerd op biologie. Op mijn blog schreef ik eerder een uitgebreid artikel over biotechnologie [link onderin].

In dit stuk licht ik een paar elementen uit die gaan over de rol van biotechnologie in de zorg.

Genetica

De belangrijkste kracht in de ontwikkeling naar gepersonaliseerde en geïndividualiseerde zorg is DNA. DNA is het besturingssysteem van het lichaam [link onderin].

De centrale dogma van de moleculaire biologie beschrijft hoe informatie kan worden overgedragen van DNA en RNA naar eiwitten, maar niet andersom. De eiwitten hebben vervolgens weer invloed op allerlei processen in het lichaam, waaronder het uiterlijk, kans op bepaalde ziektebeelden en zelfs persoonlijkheidskenmerken.

Dit wordt ook wel het fenotype genoemd. Waar het genotype de codering is, staat het fenotype voor de fysiologische uitwerking van die code.

SNP

Een code van DNA die codeert voor een bepaald gen wordt een SNP genoemd. SNP staat voor ‘single-nucleotide polymorphism’. Dit zijn mutaties in het DNA die leiden tot een bepaalde eigenschap of kenmerk. Zo heb ik zelf een DNA test gedaan waaruit bleek dat ik op SNP rs2306402 een mutatie heb waarmee ik licht verhoogde kans heb op het ontwikkelen van de ziekte van Alzheimer [link onderin].

De fundamentele vraag van veel onderzoekers is of er één of meerdere SNP’s bestaan die veel vaker voorkomen bij zieke dan bij gezonde mensen. Met deze genetische markering kunnen onderzoekers uitrekenen hoeveel de aanwezigheid van de genetische markering het risico verhoogt om de ziekte te ontwikkelen.

Genetische aandoeningen

Volgens de Trendanalyse biotechnologie van het COGEM uit 2016 zijn er naar schatting ongeveer 7.000 erfelijke ziekten die worden veroorzaakt door een mutatie in één gen, waarbij de wijze van overerving kan verschillen (bijvoorbeeld via gewone chromosomen, geslachtschromosomen of via mitochondriën).

Zowel de medische wetenschap als commerciële bedrijven spelen hierop in, zoals ik de onderstaande voorbeelden laat zien.

  • Het doel van het ‘100.000 genomes project’ in het Verenigd Koninkrijk is om de erfelijke code van 70.000 mensen in kaart te brengen. Vervolgens kan met die database medisch onderzoek worden gedaan en wellicht nieuwe therapieën ontwikkeld worden.
  • In de Verenigde Staten werken doctoren aan een app om op basis van je genoom een risicoschatting te geven of je een aandoening aan je kransslagader krijgt [link onderin].
  • Anders Dale, een hersenonderzoeker aan de Universiteit van Californië, werkt aan risicocalculator voor het ontwikkelen van Alzheimer [link onderin]
  • RiskScore is een test die is ontwikkeld door het bedrijf Myriad Genetics. Met de test wordt op basis van 81 genetische varianten een risicoscore gegeven voor de ontwikkeling van borstkanker.

Perfect DNA bestaat niet

Het is en blijft een risico-inschatting. Het is geen klassieke genetische diagnostiek én een foutloos genoom bestaat simpelweg niet. Een treffende quote is van Lone Frank: ‘In werkelijkheid zijn wij slechts patiënten die nog niet zijn gediagnosticeerd’.

Een andere kanttekening is dat het domein van genotype naar fenotype in ontwikkeling is. Wanneer er nieuwe wetenschappelijke studies uitkomen, dan worden de databases weer bijgewerkt. Zo kan je theoretisch van risicoklasse voor een bepaalde aandoening veranderen als er meer onderzoek beschikbaar komt.

Bij een groeiend aantal aandoeningen is het DNA-profiel leidend in het toebrengen van medicijnen. Nu zijn de meeste doseringen gebaseerd op algemene standaarden. Het genetisch profiel kan iets zeggen over welke je dosis van een stof je moet hebben voor een optimale werking. Het kan gaan over de werking van aspirine tot meer specifieke geneesmiddelen.

Scorekaarten

Cardioloog Amit Khera van het Broad Institute gelooft in scorekaarten op basis van genetica: ‘Wat ik denk, is dat je als je jong bent al je genetische informatie op een basiskaart staat. Daarop staat een risicoinschatting op een aantal ziektes. Er staat dan bijvoorbeeld dat je in het 90% percentiel valt voor hartaandoeningen, in het 50% percentiel voor borstkanker en in de 10% percentiel voor diabetes’ [link onderin].

In zijn werk gebruikt hij nu al de leeftijd, gewicht en gedrag van zijn patiënten om een risicoinschatting te maken van de kans dat ze een leiden aan hun hart. Het toevoegen van genetische informatie is volgens hem niet meer dan normaal.

Steven Tucker, huisarts in Singapore, is het hiermee eens [link onderin].‘De toekomst gaat om gezondheid, niet om gezondheidszorg’. Hij vraagt aan zijn patiënten of ze apps en gadgets willen dragen om hun dagelijkse gezondheid te meten én dit te combineren met een genetische test. ‘Op deze manier heb je een grotere kans om aandoeningen later in het leven alvast voor te zijn.’

Organoïden

Een spannende toepassing van gepersonaliseerde medicatie is het kweken van mini organen of zogenaamde organoids. Hierbij wordt op basis van huidcellen een persoonlijke mini versie van een orgaan gemaakt om te testen of een geneesmiddel werkt of niet.

Deze methode werd al succesvol toegepast door het Hubrecht Institute in Utrecht om te testen of een middel tegen taaislijmziekte bij een jongen zou werken of niet. Dit bleek bij het mini orgaan te zijn en later ook bij de echte behandeling. Zeker waar het gaat om risicovolle of kostbare behandelingen kan het een uitkomst zijn om een proefmodel te maken om op te testen.

In mijn artikel over 3D bioprinten schrijf ik hier uitgebreid over.

Gentherapie

Met DNA informatie kun je gepersonaliseerde medicijnen en therapieën ontwikkelen, maar nog een stap verder is het ingrijpen op DNA: gentherapie.

Onder deze term vallen diverse methoden, onder ander het remmen van genen die te actief zijn (dit wordt ‘overexpressie’ genoemd) of het wijzigen van DNA. Verderop ga ik in op de meest in het oog springende methode van het wijzigen van DNA, namelijk CRISPR/cas9.

Doorbraak

Een grote doorbraak in gentherapie was 2015. Toen werd de Britse eenjarige Layla met een experimentele gentherapie behandeld voor een zware vorm van leukemie [link onderin].

Nadat beenmergtransplantatie niet bleek te werken schakelden de artsen door naar een nieuwe methode. Met TALEN (een vorm van genetische modificatie) werden haar immuuncellen bewerkt om ze sterker te maken tegen de kanker. Tegenwoordig wordt CRISPR/cas9, waarover later meer, vaker ingezet voor dergelijke behandelingen.

Nederland

In 2014 is het in Nederland ontwikkelde Glybera als eerste gentherapie op de Nederlandse markt toegelaten [link onderin]. Het middel is ontwikkeld voor patiënten die die lijden aan terugkerende acute alvleesklierontsteking (pancreatitis). In 2015 kwam het op de markt met een prijskaart van ruim 1 miljoen dollar per behandeling. Daarover later meer. Overigens bleek de gentherapie voor de fabrikant niet genoeg op te leveren, waarna het in 2017 van de markt verdween [link onderin].

Anno 2020 ook gentherapieën op de Nederlandse markt voor leukemie en de spierziekte SMA. Middelen voor patiënten met een ernstige aandoening aan het netvlies en de bloedziekte bèta-thalassemie worden beoordeeld. Volgens de Volkskrant zijn er honderden onderzoeken gaande naar de inzet van genetische therapieën, waarvan er 90 in de eindfase zijn [link onderin].

Celkerntransplantatie

Een bijzondere vorm van gentherapie is celkerntransplantatie. Hierbij wordt ingegrepen op het mitochondriaal DNA. Als de mitochondriën, de energiefabrieken in de cellen, niet goed functioneren leidt het vaak tot zeer ernstige stofwisselingsziektes. Mitochondriën erft een baby alleen via de moederlijn. In het geval van een transplantatie wordt daarom de celkern uit een eicel van de moeder gehaald naar een cel van een gezonde donor.

In het Verenigd Koninkrijk is deze methode al toegepast. Dat leidde daar tot krantenkoppen zoals ‘een baby met drie ouders’ [link onderin]. In mijn podcastinterview met professor Annelien Bredenoord (UMC Utrecht) legt de werking van deze methode uit [link onderin].

CRISPR/cas9

CRISPR/cas9 is een nieuwe methode voor het bewerken van DNA. Op mijn blog schreef ik eerder een artikel over genetische modificatie met CRISPR/cas9 [link onderin].

Tot voor de ontdekking van CRISPR/cas9 was de enige manier om wijzigen in het DNA aan te brengen door het te bestoken met straling, chemicaliën of virussen. Onderzoekers hoopten dan dat die ingreep precies de gewenste veranderingen zou opwekken [link onderin]. Ten opzichte van die eerdere methoden is CRISPR/cas9 veel preciezer, goedkoper en efficiënter.

De verwachtingen van CRISPR/cas9 zijn hoog gespannen. Zo zegt Jennifer Doudna, samen met Emmanuelle Charpentier de ontdekker van CRISPR/cas9, het volgende: ‘CRISPR heeft een ongelooflijke potentie om de wereld te verbeteren. Stel je voor dat je genetisch de meest ernstige erfelijke ziektes kunt uitbannen, net als vaccinaties een einde maakten aan de pokken en straks ook aan polio.’

Toepassingen CRISPR/cas9 in gezondheidszorg

Na de eerste publicatie in Science in 2012 ging het snel [link onderin].

  • In 2016 deden Chinese onderzoekers voor het eerst een behandeling van een patiënten om kanker te bestrijden [link onderin]. Ze kregen hun eigen immuuncellen ingespoten die eerst genetisch waren aangepast tot effectieve kankerdoders.
  • In 2019 stonden op de database clinicaltrials.gov al rond de 20 actieve onderzoeken in de laatste fase variërend van HIV tot bloedaandoeningen.
  • Commerciële bedrijven zoals CRISPR Therapeutics en Vertex Pharmaceuticals bieden in 2020 al behandelingen aan voor sikkelcelanemie en bèta-thalassemie.

Toch waarschuwen wetenschappers in een artikel in Nature in 2020 voor te hoge verwachtingen [link onderin]. Zo zijn er nog problemen met het bezorgen van de genetische mutaties op de juiste plek en de omvang om heel precies mutaties aan te brengen. Desondanks zijn de meeste

CRISPR op jezelf

Als biohacker ben ik gefascineerd door mensen die zichzelf willen bewerken met CRISPR/cas9. Zo heb ik op mijn Youtube kanaal Tristan Roberts geïnterviewd [link onderin]. Hij was later ook te zien in de vierdelige documentaire Unnatural Selection op Netflix [link onderin].

Tristan Roberts leidt aan HIV en slikte daarvoor dagelijkse medicatie om zijn aandoening te onderdrukken. Als proefkonijn offerde hij zichzelf op om een experimentele methode van genetische modificatie op zichzelf te testen. Deze methode was niet afkomstig van een farmaceutische bedrijf of een wetenschapper. Nee, de methode was ontwikkeld door een groep enthousiaste amateur-biotechnologen.

Hoewel de methode uiteindelijk niet bleek te werken, roept zo’n experiment allerlei morele en praktische vragen bij me op. Welke recht hebben individuen om dit op zichzelf te testen? Hoe moeten wetenschappers en artsen hiermee omgaan?

Dare to try

Het zelfexperiment van Tristan Roberts sluit aan bij de de ‘Dare to try’ beweging. Deze beweging is afkomstig van een soortgelijke wetswijziging in de Verenigde Staten in 2018. Dit is de zogenaamde ‘Right to Try’. Deze wet geeft uitbehandelde patiënten het recht om experimentele medicijnen te gebruiken zonder toestemming van de FDA, de medicijnautoriteit [link onderin].

Dit zijn een paar patiënten die hiermee de media hebben gehaald:

  • De Vlaamse Dave Werbrouck heeft ALS. Hij schreef een open brief aan de wetenschap om hem te gebruiken als proefkonijn [link onderin].
  • De Nederlanders Tiny Romviel en Piet Vromans vlogen naar Japan om daar een experimentele behandeling te ondergaan voor ALS. In de Volkskrant werden ze gevolgd en geïnterviewd.
  • Het Nederlandse bedrijf myTomorrows helpt ernstig zieke patiënten bij het zoeken naar medicijnen die nog in onderzoek zijn of hier nog niet zijn geregistreerd [link onderin].
  • De Amerikaan Malakkar Vohryzek heeft een huidaandoening waardoor bij zonlicht direct heftige moedervlekken ontstaan. Hij las over Japanse wetenschappers die menselijke cellen met CRISPR/cas9 hebben uitgerust met beschermende genen van het beerdiertje. Hij roept nu wetenschappers en biotechnologiebedrijven op om deze mutatie op hem uit te testen [link onderin].

Impact op de farmaceutische industrie

De impact van proefpersonen die experimentele behandeling op zichzelf willen testen kan ook implicaties hebben voor de farmaceutische industrie. Eerder in dit deel schreef ik bijvoorbeeld over de gentherapie Glybera. Totdat Glybera in 2017 van de markt werd gehaald, koste de gentherapie per behandeling ruim 1 miljoen dollar.

Voor een groep amateur-biotechnologen, ook wel biohackers genoemd, was dit een reden om uit te zoeken of het goedkoper zou kunnen [link onderin]. In een zeker zin is hun manier van werken vergelijkbaar met de open source beweging in software. De biohackers werken samen, in alle openheid, aan hun alternatieve gentherapie. Ze roepen nu wetenschappers en universiteiten op om hun methode te testen op veiligheid en werkbaarheid.

Goedkoper alternatief

De biohackers claimen dat de prototype van hun alternatief 7.000 dollar kost. Experts verschillen van mening over het initiatief. Tegenstanders betwijfelen de werkbaarheid, terwijl voorstanders zeggen dat de kosten van farmaceutische middelen dit soort projecten stimuleren.

Eind 2019 gaf ik een lezing bij het Clinical Supplies Forum in Leiden over dit thema. Het was boeiend om te zien hoe het publiek, dat bestond uit experts die werken in de farmaceutische industrie, op deze en andere casussen reageerden.


Wat zijn tips en aanbevelingen om te innoveren in de gezondheidszorg?

Aanbevelingen (5x)

Wat zijn aanbevelingen en praktische tips om met innovatie aan de slag te gaan?

  • Patiënt centraal;
  • Falen;
  • Open innovatie
  • Voorwaarden;
  • Houden wat goed is.

Patiënt centraal

Het is een open deur, maar als het gaat om vernieuwing moet het doel altijd zijn om de gezondheidszorg kwalitatief beter, aangenamer, efficiënter of sneller te maken. De kern is om de patiënt te helpen. Dat kan ook indirect, doordat zorginnovatie het werk van een zorgmedewerker makkelijker maakt.

Toch zie ik nog veel innovatieve apps, gadgets en andere platformen die onvoldoende rekening houden met de gebruiker, of dit nu de patiënt, verpleegkundige of arts is. In de technologie- en ontwerpwereld is er wel een groeiend besef over de noodzaak hiervan. Ik mocht eind 2019 een lezing geven op het Human Factors NL congres [link onderin]. Daar zag ik dat bij Technische Universiteiten (zoals in Delft, Eindhoven en Enschede) steeds meer aandacht is aan design voor gebruikers. Naast human factors wordt de term ‘user centered design’ hier ook voor gebruikt.

Emancipatie van patiënt

In zijn boek The patient will see you now maakt Eric Topol zich sterk voor een geëmancipeerde rol van patiënten [link onderin]. Het huidige denkkader in de gezondheidszorg is nog gericht op de medicus die alle kennis heeft en de besluiten neemt. Topol denkt, getuige ook de titel van zijn boek, dat het zwaartepunt gaat verplaatsen. De patiënt, die steeds meer data over zichzelf verzamelt, wil een meer inspraak over beslissingen die zijn of haar gezondheid aangaan.

Technologie stelt patiënten hiertoe in staat. Daarmee verandert ook de plek van de gezondheidszorg. Die verschuift steeds meer in de richting van de patiënt. Metingen die eerder bij de huisarts of in het ziekenhuis werden gedaan, worden straks thuis gedaan. Metingen en ingrepen die eerder in het ziekenhuis werden gedaan, worden straks bij de huisarts gedaan.

Overal zorg

Nog een stap verder is dat metingen een onderdeel worden van het dagelijks leven, waarbij ze worden geïntegreerd in kleding, in auto’s en in je huis. Wellicht hebben we straks ook geen huisartsenpraktijk meer, maar worden gezondheidsmetingen en behandelingen gedaan in de supermarkt, op het treinstation en op het vliegveld.

Zorg is straks overal.


Falen

Het is een cliche, maar succesvolle innovatie vraagt om een cultuur waarin geprobeerd, geëxperimenteerd en gefaald mag worden. Om Sochiro Honda, de oprichter van Honda, te parafraseren: ‘Succes is 99% falen’. Bijna iedereen die ik spreek is bekend met dit principe, maar het lastig om dit vertalen in een organisatiecultuur.

Wat de zorg extra complex maakt, is dat fouten maken met de gezondheid van patiënten niet kan. Het boek Bad Blood van John Carreyrou illustreert dit op een genadeloze manier. Het boek beschrijft de opgang van het bedrijf Theranos. Het doel van Theranos was om een revolutionaire methode te ontwikkelen om bloed te prikken en te analyseren.

Sillicon Valley cultuur

Het bedrijf Theranos was opgericht door Elizabeth Holmes in Silicon Valley en gedroeg zich ook als een technologiebedrijf. De cultuur kan het beste worden geïllustreerd door een uitspraak van Mark Zuckerberg: ‘Move fast and break things’.

Bij een bedrijf zoals Facebook of een andere ontwikkelaar die online diensten aanbiedt is dit nog enigszins te billijken, vanwege de enorme concurrentie. Maar de opkomst en uiteindelijke ondergang van het Theranos laat zien dat er in de gezondheidszorg—terecht—andere regels gelden.


Open innovatie

Soms helpt het om andere perspectieven te hebben op je probleem. Het betrekken van buitenstaanders bij het oplossen van een probleem in de organisatie wordt ook wel open innovatie genoemd.

Twee leuke voorbeelden hiervan zijn de TechCrunch hackathon en de afdeling Bioinformatica van het Eramus MC.

  • In 2017 organiseerde TechCrunch een hackathon in New York. Hierin kregen 750 programmeurs en ontwerpers 24 uur de tijd om een nieuw product te ontwikkelen. De winnaar was de app reVIVE. Dit was een virtual reality app waarmee je kinderen op tekenen van ADHD kan testen door ze games te laten spelen. Ondertussen wordt met de kunstmatige intelligentie van IBM Watson de emotionele toestand van het kind gemeten. De leden van het team? Dat waren drie middelbareschoolmeisjes uit New Jersey [link onderin].
  • Twee keer per jaar nodigt de afdeling Bioinformatica van het Erasmus MC twee keer per jaar dataspecialisten uit andere bedrijfstakken uit om mee te denken over medische kwesties. Het bleek dat dataspecialisten van de ABN-AMRO bank er achter kwamen dat een bepaalde groep genen van invloed waren op de efficiëntie van een behandeling voor kinderen met leukemie. Zij gebruikten daarvoor een methode die ze in de bank gebruiken om fraude te ontdekken.

Voorwaarden voor innovatie

In het boek The Innovator’s Prescription verkennen Christensen, Wang en Grossman de kenmerken van innovatie in de gezondheidszorg [link onderin]. Christensen was een beroemde managementdenker op het vlak van radicale vernieuwing. Hij en zijn mede-auteurs pleiten ervoor dat transformatie in de gezondheidszorg afhangt van een aantal elementen.

De focus, ook in mijn eigen artikel moet ik eerlijk zeggen, ligt vaak op technologische veranderingen. Maar andere elementen spelen eveneens een belangrijke rol. Dit gaat om de bedrijfs- en verdienmodellen, de waardeketen of het ecosysteem die technologie versterken en wet- en regelgeving (inclusief het vergoedingssysteem).


Houden wat goed is

Misschien bekruipt je bij het lezen van dit artikel het gevoel dat alles compleet anders moet. Begrijp me goed: ik denk dat technologische innovatie zeker nodig is, maar niet ten koste van alles.

Een mooi tegengeluid dat ik daarom niet kon laten liggen komt van Jos de Blok van Buurtzorg. ‘De wereld is vaak meer gebaat bij continuïteit, dan bij continue veranderingen. Als ik kijk naar de wijkverpleging, dan is daar in de afgelopen 30 jaar weinig verandert.’ Wat dat is? ‘Je probeert een relatie op te bouwen met iemand in een ellendige situatie. De basis is nog steeds hetzelfde’.


In dit deel schrijf ik over medische ethiek. Wat zijn (morele) risico’s en uitdagingen bij zorginnovatie?

Medische ethiek

Binnen de medische ethiek denken filosofen, artsen en wetenschappers na over de beste uitvoering van de geneeskunde. Dit is een specialisatie van ethiek, een vakgebied dat gaat over goed en fout handelen.

Voor mijn podcast heb ik professor Maartje Schermer hier over geïnterviewd [link onderin]. Zij is hoogleraar medische ethiek aan het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam. Verder heb ik op de blog een artikel geschreven over technologie-ethiek, een andere substroming binnen de ethiek [link onderin].

Door technologische innovaties zoals ik in dit artikel heb beschreven, hebben medici steeds meer impact op de gezondheid van patiënten. Hoe meer een medicus kan (en laten) hoe relevanter medische ethiek wordt. Om dat te illusteren heb ik een aantal voorbeelden opgenomen.

  • Data en commerciële bedrijven;
  • Hacken van medische data;
  • Slimme assistent van de patiënt;
  • Slimme assistent van de arts;
  • Werkbaarheid medische hulpmiddelen;
  • Biotechnologie.

De voorbeelden werk ik hieronder verder uit.

Data en commerciële bedrijven

Commerciële (technologie) bedrijven verzamelen gezondheidsdata van hun gebruikers. De vraag is welk doel die bedrijven hiermee hebben. Zo werd eind 2019 bekend dat Google de gezondheidsgegevens van tientallen miljoenen Amerikanen heeft gekregen via een samenwerking met een grote zorgaanbieder [link onderin].

Volgens professor Tamar Sharon van de Radboud Universiteit biedt dit kansen maar geeft het ook risico’s. ‘De techbedrijven hebben de middelen en expertise om de zorg daadwerkelijk te verbeteren. Aan de andere kant: vinden we het goed dat bedrijven zoals Google zoveel macht in ons leven krijgen?’

Zo zou Google de gegevens, mochten ze kwaad willen, verkopen aan zorgverzekeraars of farmaceutische bedrijven. Zij willen graag weten hoe je gezondheid erbij staat om daarmee de zorgpremie of aanbod van medicatie op af te stemmen.

Casus Care.data

Non-profit organisaties gaan niet altijd vrijuit. Een bekend voorbeeld is het Care.data project in het Verenigd Koninkrijk [link onderin]. De National Health Service (NHS) had Care.data opgezet en patiënten opgeroepen om hun data te delen. Een jaar na de oprichting in 2013 bleek dat een groot deel van de gegevens waren verkocht aan een groep zorgverzekeraars.


Hacken van medische data

Een nadeel van digitalisering is dat databases en andere systemen van zorginstellingen gehackt kunnen worden. Zo maakte kinderziekenhuis van Boston in 2014 bekend dat ze waren gehackt door hackerscollectief Anonymous.

In hetzelfde jaar bleek te zijn ingebroken bij de ziekenhuisgroep Community Health System. De patiëntgegevens van 206 ziekenhuizen, inclusief namen en adressen, lagen op straat.

Nederlandse gevallen

In Nederland worden ziekenhuizen en zorginstellingen ook regelmatig gehackt. Zo kwam in 2020 in de media dat het Gelre ziekenhuis en het ziekenhuis in Leeuwarden waren gehackt [link onderin]. In het eerste geval kwam dat door phising en in het tweede geval door een lek in Citrix (een systeem om thuis toegang te hebben tot het netwerk van het ziekenhuis).

Het hacken van medische data lijkt op zichzelf geen ethisch vraagstuk te zijn. Maar hierachter liggen vragen over het nut van het koppelen van systemen en het toewijzen van geld aan de beveiliging van medische data.


De slimme assistent van de patiënt

Naast het eigenaarschap en beveiliging raakt het gebruik van gezondheidsdata ook de autonomie van een patiënt.

Ben je bereid om je data te delen om vervolgens advies te krijgen over je leven? Hoeveel vrije wil heb je nog? Hoe maak jij een afweging of je slimme assistent? Stel je het volgende gedachte-experiment voor: J.A.R.V.I.S. is je slimme assistent die allerlei gezondheidsgegevens van je bijhoudt. Op 1 januari heb je aan je J.A.R.V.I.S. de opdracht gegeven dat je wil afvallen.

Hoe reageert hij (ik noem de slimme assistent voor nu even mannelijk) dan als je op een vrijdagavond eind januari hem de opdracht geeft om een pizza te bestellen? Krijg je dan gewoon je pizza? Of weigert hij omdat je vraag conflicteert met zijn eerdere opdracht? Of probeert hij je over te halen om een variant te bestellen met minder kilocalorieën?


De slimme assistent van de arts

Artsen en medisch specialisten maken steeds meer gebruik van kunstmatige intelligentie systemen om hen te assisteren. In een opinieartikel in de NRC zijn Lucas Cornips en de eerder genoemde Maartje Schermer hier kritisch over [link onderin].

Ze waarschuwen voor bias, oftewel een vertekening, in algoritmes. Dit kan bijvoorbeeld voorkomen als het algoritme met datasets is getraind met een selecte groep patiënten. Ze halen een paper aan waarin de aanbevelingen van IBM Watson minder goed strookten met de aanbevelingen van een groep artsen wanneer de patiënt ouder was.

Een ander ethisch vraagstuk die zij opwerpen is de aansprakelijkheid bij fouten. Is dit de arts of het expertsysteem? En welke rol speelt de patiënt hierin?


Werkbaarheid medische hulpmiddelen

Voordat medicijnen op de markt komen, worden ze uitgebreid getest op veiligheid, werkzaamheid en kosteneffectiviteit. Dit geldt niet voor technologische hulpmiddelen. Volgens hoogleraren Maroeska Rovers (Radboudumc Nijmegen) en Carl Moons (UMC Utrecht) worden technologische hulpmiddelen alleen getest op veiligheid [link onderin]. Na deze goedkeuring krijgen hulpmiddelen een CE-keurmerk en kunnen ze gebruikt worden.

Maar leidt het tot betere zorg? Maakt het de tijd vrij van medici? Dat is vaak niet het geval. Om die reden zijn Rovers en Moons mede-initiatiefnemers van Health Innovation NL. Dit is een initiatief dat vanaf 2020 medische innovaties toetst voordat ze op de markt komen.

Health Innovation NL

De methode hiervoor is dat Health Innovation NL alle relevante partijen die betrokken zijn bij het ontwikkelen van een medische innovatie samenbrengt. Dit zijn patiëntenorganisaties, het Zorginstituut, universiteiten, zorgautoriteiten, zorgverleners en verzekeraars.

Het doel is dat medische innovaties beter worden getest, op meer criteria dan alleen veiligheid. Het effect daarvan is, zo hopen de initiatiefnemers, dat de medische innovaties die op de markt komen de gezondheidszorg daadwerkelijk verbeteren.


Biotechnologie

Een ander domein waarin ethische vragen steeds vaker opduiken is biotechnologie. Dit is een breed spectrum dat gaat van genetische modificatie bij embryo’s tot het kweken van mini-organen. Dit wordt ook wel bio-ethiek genoemd. Een domein dat veel overlap heeft met medische ethiek.

Mocht je daar meer willen weten over bio-ethiek, dan raad ik mijn podcastinterview aan met Annelien Bredenoord, hoogleraar Ethiek van Biomedische Innovatie bij het UMC in Utrecht [link onderin].

Zelfregulering

Volgens professor Robert Zwijnenberg en Lotte Pet (Universiteit van Leiden) heeft zelfregulering door wetenschappers en biotechnologiebedrijven in ieder geval geen zin. ‘Zelfregulering werkt niet in de tabaksindustrie en het werkt niet in supermarkten. Uit de korte geschiedenis van CRISPR blijkt dat het ook niet werkt voor biotechnologie.’

Zwijnenberg en Pet pleiten daarom voor een maatschappelijke dialoog waarin meer mensen betrokken zijn dan alleen wetenschappers, artsen en ethici. Biotechnologie raakt immers al ons leven. De discussie hierover is niet zozeer wetenschappelijk van aard, maar raakt politieke en religieuze normen en waarden.

Maatschappelijke debat

Dit is ook de kern van het boek Hacking Darwin van Jamie Metzl [link onderin]. Met biotechnologie zijn we in staat om onszelf als mensheid aan te passen. Daarom is het een gesprek dat iedereen aangaat en dat continu gevoerd moet worden.

In Nederland heeft de Rijksoverheid in 2019 om die reden de zogenaamde DNA Dialoog opgestart. Zelf was ik betrokken bij het opstellen van scenario’s door het Rathenau Instituut. Die scenario’s worden gebruikt bij bijeenkomsten en workshops om het gesprek te faciliteren over wat we willen en hoe ver we willen gaan met biotechnologie.


Nu je over alle ontwikkelingen hebt gelezen, hoe ziet de gezondheidszorg er in de toekomst uit?

Visie

Mijn visie is dat zorginnovatie niet alleen de medewerkers in de gezondheidszorg of de patiënten raakt. De plek, de rol en belangen van alle betrokken groepen in de gezondheidszorg gaat veranderen.

  • Bedrijfsleven;
  • Verzekeraars;
  • Overheid.

Bedrijfsleven

In 2014 schreven John en Shenoy al een wetenschappelijk artikel over de ontwikkeling naar de zogenaamde ‘health as a service’ [link onderin]. Philips biedt dit ook al aan naar ziekenhuizen en andere afnemers, waarbij deze groep een jaarlijks abonnement betaald waarbij Philips de apparatuur, de onderhoud en bijbehorende diensten levert.

Deze publiek-privaat samenwerkingen zullen naar mijn idee toenemen in de komende jaren. Zeker wanneer technologiebedrijven zoals Google en Apple steeds meer gezondheidsdata hebben. Dit brengt allerlei morel en maatschappelijke vragen met zich mee, waar ik in het deel over Medische Ethiek over schreef. Maar daarnaast betekent het ook een andere inrichting van financieringsstructuren in ziekenhuizen en andere zorginstellingen.


Zorgverzekeraars

Zorgverzekeraars spelen een centrale rol in de bekostiging van de gezondheidszorg. Om die reden zijn zij voorstander van zorginnovatie die zorgkosten naar beneden kan brengen. Aan de andere kant zijn zij geïnteresseerd om meer te weten over hun klanten. Hiervoor gebruiken zij ook steeds meer big data analyses en kunstmatige intelligentie.

In Nederland zijn de regels betrekkelijk strikt. Zeker voor het basispakket is een verzekeraar wettelijk verplicht om je als klant te accepteren. Geslacht, leeftijd of gezondheid is geen criterium waarop een verzekeraar klanten mag weigeren.

Dat is niet overal zo.Eerder schreef ik al over het Amerikaanse Oscar dat leefstijl als factor meeneemt in het bepalen van flexibele premies.

Een ander voorbeeld komt uit China. In 2017 maakte Alibaba bekend actief te worden als verzekeraar, waaronder in de gezondheidszorg [link onderin]. Hetzelfde zou je kunnen zeggen van Amazon en Apple, zeker in combinatie met het eerder genoemde Netflix model. De zorgverzekeraars van de toekomst richten zich op preventie en gezondheid blijven in plaats van genezen en herstellen.


Overheid

Hoe moeten de overheid omgaan met de context van snelle veranderingen in de zorgmarkt? Op welke wijze kunnen zij daar rekening mee houden in hun beleid en wetgeving? Het is een lastige opgave. Dat realiseerde ik me toen ik in 2017 werd uitgenodigd door het Ministerie van Veiligheid en Justitie en het Openbaar Ministerie om na te denken over de toekomst van hun werkveld.

Aan de ene kant wil je als overheid nieuwe mogelijkheden benutten en economische activiteiten stimuleren, maar je wilt ook genoeg voorzorgsmaatregelen nemen om schade aan je inwoners te beperken. In mijn artikel over de invloed van technologie op de samenleving ga ik hier verder op in [link onderin].


Wat is mijn (voorlopige) conclusie?

Conclusie

Veel professional in de zorg, in ieder geval in mijn omgeving en als ik mensen spreek op congressen waar ik een lezing geef, zien het werk als hun roeping. Ze willen graag mensen helpen, beter maken of het lijden verlichten. Hun kwaliteiten liggen op vlakken waar robots en computers nog niet zoveel kunnen: empathie, inlevingsvermogen en samenwerken.

Dit is ook mijn eigen ervaring. Tijdens mijn studietijd werkte ik als huishoudelijk hulp in de Thuiszorg. Het was soms best aanpoten en niet alle cliënten vond ik even aardig. Maar in het algemeen gaf het werk mij veel voldoening. Het gevoel om echt iets te kunnen betekenen in het leven van een ander.

Zorginnovatie in de praktijk

Mensen die in de gezondheidszorg werken realiseren zich dat de wereld en daarmee ook de gezondheidszorg verandert. Technologie speelt hier een belangrijke rol in. De belofte is namelijk dat zorginnovatie (met technologie) de kwaliteit verbetert, de kosten drukt en de werkdruk vermindert.

Toch kom ik in de praktijk ook genoeg voorbeelden tegen waaruit het tegendeel blijkt. Dan is een nieuw systeem ingevoerd waarbij verplegers zuchten dat het hen meer in plaats van minder werk oplevert. Dan heeft een verpleeghuis een zorgrobot aangeschaft die in de kast blijft staan, omdat niemand goed weet hoe de robot werkt. Dan heeft een medisch specialist een slimme uitvinding gedaan, maar passen collega’s in andere ziekenhuizen het niet toe vanwege kostenstructuren.

Deze voorbeelden laten zien dat innovatie in de zorg een uitdaging blijft. Toch ben ik positief. De gezondheidszorg heeft (technologische) innovatie nodig. De toekomst van de zorg kan beter, fijner en goedkoper zijn dan het nu is.

Maar dan moeten we wel durven.

Durven om iedereen te betrekken, van medici en verplegers tot patiënten, cliënten en verwanten en van zorgverzekeraars tot het bedrijfsleven. Durven om open te staan voor technologische ontwikkelingen en hiermee te experimenteren. Durven om fouten te maken, deze te delen en hiervan te leren.


Wat zijn goede boeken, documentaires, series en films over dit onderwerp?

Boeken innovatie zorg

Hoewel de ontwikkelingen snel gaan, zijn boeken nog altijd een goede manier om concepten met elkaar in verband te brengen en een breder raamwerk aan te bieden.

Een paar non-fictie boeken over dit onderwerp zijn:

  • Augmented Health(care) van Luciën Engelen. In dit artikel heb ik een paar keer gerefereerd aan het boek. De ideeën zijn soms prikkelend en hij heeft andere experts gevraagd om een bijdrage te leveren aan het boek. Mede hierdoor komt het boek rommelig over. Daarbij is het niet heel goed geschreven, mist het een structuur en is het slecht leesbaar.
  • The patient will see you soon van Eric Topol. Best een aardig boek, maar voelt al enigszins gedateerd. De kern van het boek is dat het gebruik van data voor een verschuiving zorgt waar de patiënt centraal komt te staan (zoals de titel van het boek al slim impliceert).
  • The Innovator’s Prescription van Clayton Christensen. Gestructureerd boek van een van de bekendste denkers op het gebied van innovatie en vernieuwing. Toegesneden op de gezondheidszorg en daarmee uitermate relevant.
  • Die ene patiënt van Ellen de Visser. Als abonnee op de Volkskrant las ik altijd graag deze wekelijkse bijdrage. Hierin werden artsen, specialisten, verplegers en verzorgers geïnterviewd over een bijzondere patiënt of cliënt. Boeiend en soms ontroerend.
  • Bad Blood van John Carreyrou. Een verontrustend verhaal over de beloftes van het bedrijf Theranos dat met een radicale technologie de markt van bloeddiagnoses wilde veroveren. Meeslepend.

De links naar deze boeken staat onderin bij de bronnen. Mijn favoriete boeken over andere onderwerpen staan bij de boekentips. 🤓

Documentaires

De volgende documentaires gaan over de toekomst van de zorg of belichten een onderdeel:

  • Diagnosis (Netflix). Dr. Lisa Sanders gebruikt de kennis van het publiek om diagnoses te stellen voor zeldzame en mysterieuze aandoeningen. Ik krijg er altijd een positief gevoel bij.
  • The Bleeding Edge (Netflix). Documentaire over hoe fabrikanten van medische hulpmiddelen het niet altijd even nauw nemen met veiligheidsvoorschriften. Beangstigend.
  • Unnatural Selection (Netflix). Serie over de mogelijkheden van CRISPR/cas9 en patiënten die dit zonder enige medische begeleiding op zichzelf willen toepassen. Mijn favoriete serie.
  • The Inventor: Out for Blood in Sillicon Valley (HBO). Deze documentaire gaat over de val van het bedrijf Theranos, net zoals het boek Bad Blood.

Regelmatig geef ik lezingen en presentaties over dit onderwerp.

Zorginnovatie spreker

In september 2019 gaf ik een lezing bij het Martiniziekenhuis in Groningen in het kader van de strategische visie van het ziekenhuis voor 2024. Vergelijkbare lezingen deed ik dat jaar bij o.a.

  • UMC Utrecht, in het kader van de strategische visie;
  • LUMC Leiden, in het kader van LUMC 2.0;
  • Zuyderland Heerlen, rond de opleidingsdagen;
  • Vilans, over langdurige zorg.

Bekijk de presentatie bij het Martiniziekenhuis hieronder.

Presentatie over innovatie in de zorg

Na afloop liet de opdrachtgever de volgende referentie achter:


Referenties

Hieronder staan nog een paar referenties van eerdere opdrachtgevers, onder andere ASML en het Maxima Medisch Centrum in Veldhoven:

In mei 2018 sprak ik op de Sophia Research dag van het Sophia Kinderziekenhuis in Rotterdam. Nienke Hagedoorn van de organisatie liet na afloop deze reactie achter:


Boek mij als spreker

Wil je meer weten over innovatie in de zorg? Neem dan contact met me op als je vragen hebt! Ook als je me wil uitnodigen om een lezing of presentatie te geven bij je bedrijf, op je congres, symposium of bijeenkomst.

Kijk trouwens naar mijn lezingen pagina voor een overzicht van waar en waarover ik heb gesproken.


Hier staan alle bronnen, zoals boeken, video’s, podcasts en externe links.

Bronnen

Dit is een gerelateerde artikel die ik heb geschreven:

In deze artikelen ga ik dieper in op een paar trends die ik in dit artikel heb beschreven.


Ik kwam in de media over dit onderwerp:

  • Column: Een narcistische dataseksueel (De Eerstelijns, mei 2019)
  • Artikel: Zorginnovaties gaan soms sneller dan mensen aankunnen (Volkskrant, juli 2018)

Hier kun je mijn podcast interviews luisteren. Je kan je ook abonneren op de Biohacking Impact podcast via iOS, Spotify of Youtube.

Aflevering 92 is met professor Annelien Bredenoord (UMC Utrecht) over de ethiek van biomedische innovaties.

Andere relevante interviews zijn:

  • Aflevering 83 was met professor Maartje Schermer over medische ethiek;
  • Aflevering 11 was met Maarten den Braber (o.a. Rockstart Health en Quantified Self Europe).

Zoek de afleveringen op in je favoriete podcastapp, zoals op iOS (iPhone) of Spotify! 🎧


Deze interviews op Youtube heb ik over zorginnovatie opgenomen:

  • Interview met Tristan Roberts over DIY genetische modificatie;
  • Interview met professor Annelien Bredenoord (UMC Utrecht) over ethiek van biomedische innovatie;
  • Interview met professor John van der Oost (WUR) over CRISPR/cas9;
  • Interview met Dennie Jager over exoskeletten;
  • Interview met Rutger van Zuidam over blockchain in de zorg;
  • Interview met Zayna Khayat over digitalisering zorg;
  • Interviews over kunstmatige intelligentie in de zorg.

Deze boeken heb ik over het onderwerp gelezen:

  • Boek Augmented Health(care)
  • Boek The patient will see you know
  • Boek The Innovator’s Prescription
  • Boek Bad Blood
  • Boek Nooit Af
  • Boek Your guide to delight
  • Boek Bad Blood
  • Boek Die ene patiënt
  • Boek Hacking Darwin

Op mijn persoonlijke blog Project Leven schreef ik dit artikel:

Dit zijn externe links die ik heb gebruikt.

Deel betekenis

Deel Trends

  • Artikel over app Halodoc
  • Artikel over Haven (Amazon)
  • Artikel over oneigenlijk datagebruik Google
  • Website Calico (onderdeel Alfabet)
  • Artikel over ambities Google in zorg
  • Artikel over slimme huizen
  • Artikel over blockchain medische informatie
  • Onderzoek naar kunstmatige intelligentie 1
  • Onderzoek naar kunstmatige intelligentie 2
  • Artikel dat FDA oog diagnose door kunstmatige intelligentie goedkeurt
  • Onderzoek naar robots en chirurgie

Deel voorbeelden

Deel communicatie

Deel preventie

Deel maatwerk

  • Artikel Volkskrant over precisiegeneeskunde

Deel Open Science

Deel DIY biomedische technologie

Deel biotechnologie

Deel tips zorginnovatie

Deel medische ethiek


Ben jij werkzaam in de gezondheidszorg? In een ziekenhuis of in medisch onderzoek? Of bij een verpleeghuis of andere instelling? Hoe denk jij over de toekomst van de gezondheidszorg? Welke rol heeft technologie hierin?

Laat een reactie achter!